Frida Hansen, Noors weefster van art nouveau wandtapijten

De in 1855 in de Noorse stad Stavanger geboren Frida Hansen (geboren Petersen) heeft een belangrijke rol gespeeld in de ontwikkeling van de Noorse textielkunst. Zij werd met name bekend door haar wandtapijten, die nu nog in verschillende Noorse en internationale musea te zien zijn. Overigens was zij in haar meest productieve tijd, rond het begin van de vorige eeuw, internationaal bekender dan in Noorwegen zelf, waar men vond dat haar textielkunst te weinig Noorse nationale elementen bevatte. Dat Noorwegen in 1905 onafhankelijk werd zal daarbij een rol hebben gespeeld.

Frida Hansen in 1896.
Frida Hansen in 1896.
Frederikke Boletta Petersen werd in 1855 geboren in de Noorse stad Stavanger. Door haar huwelijk in 1873 met Hans Wilhelm Severin Hansen kennen wij haar nu onder haar artiestennaam Frida Hansen. Voor haar huwelijk was zij vast van plan om kunstschilder te worden en volgde zij schilderlessen.
In 1888 ging echter het familiebedrijf failliet en vluchtte haar man voor enkele jaren naar het buitenland. De zorg voor haar gezin (met drie kinderen) kwam geheel op haar schouders. Om in het levensonderhoud te voorzien startte Hansen een borduuratelier vanuit huis. Een deel van het werk bestond uit restauratie van oude wandtapijten, wat haar belangstelling voor de weefkunst opwekte.
Libellenes dans (Dans van de Libellen), 1901, ruim 4 m breed.
Libellenes dans (Dans van de Libellen), 1901, ruim 4 m breed.
Deurgordijn, 1900 (V&A Museum, Londen).
Deurgordijn, 1900 (V&A Museum, Londen).
Oprichting eigen weefstudio
In 1889 nam Hansen deel aan de eerste weefcursus in Noorwegen en schafte zij een Oppstad weefgetouw aan. Al snel begon zij haar eigen wandtapijten te maken en had tentoonstellingen in verschillende plaatsen in Noorwegen. In 1892 verhuisde zij naar de hoofdstad en stichtte daar haar eigen weefstudio en garenververij ‘Det norske Billedvæveri’ (De Noorse afbeeldingweverij).
Traditiegetrouw is er in een tapijtweverij een rolverdeling van mensen die het ontwerp maakten en de kartonnen*, de wolververs, degenen die de ketting spanden, die het eigenlijke weven deden en die lesgaven aan leerlingen. Frida Hansen beheerste al deze vaardigheden zelf en voerde ze ook uit! Ze experimenteerde bovendien met diverse weeftechnieken en ontwikkelde een techniek waarmee delen transparant gemaakt konden worden, een techniek waar zij een patent op kreeg. Deze techniek werd met name toegepast bij portièregordijnen en kamerseparaties.
Juni (detail), 1918.
Juni (detail), 1918.
Creatieve invloeden
Hansen was in 1895 in de gelegenheid om naar het buitenland te gaan om zich in Keulen en Parijs verder te bekwamen. Zij kwam daardoor in contact met de stijl die toen in de mode was, de art nouveau (jugendstil). Een andere belangrijke invloed was van de Engelse kunstenaar William Morris, de grondlegger van de arts-and-craft-beweging en de fantasy-stijl en invloedrijk ontwerper van interieurs en boeken. De natuur was een belangrijke inspiratie voor Morris en dat zien we ook terug in de wandtapijten van Hansen.
De belangrijke internationale doorbraak voor Hansen kwam tijdens de Wereldtentoonstelling van Parijs, waar zij een gouden medaille won voor haar wandtapijt ‘Melkeveien’ (Melkweg, bovenste foto), een werk dat al aan een Duits museum verkocht was voor de tentoonstelling. Ook ander werk uit deze tijd is in de art nouveau-stijl uitgevoerd.
Rosenhaven (Rozentuin), 1901, Stavanger Kunstmuseum (foto Jonas Haarr Friestad).
Rosenhaven (Rozentuin), 1901, Stavanger Kunstmuseum (foto Jonas Haarr Friestad).
Frida Hansen op haar 75ste verjaardag in 1930.
Frida Hansen op haar 75ste verjaardag in 1930.
Huidige positie in de Noorse textielkunst
Na de eeuwwisseling raakte art nouveau op zijn retour en rond 1920 was het werk van Hansen niet meer in zwang. Vanaf 1926 tot aan haar dood werkte zij aan het Olav-wandtapijt, dat in de kathedraal van Stavanger hangt. Zij overleed op 12 maart 1931 te Oslo.
De generaties na haar hadden weinig belangstelling voor haar textielkunst. Pas in 1973 was er een grote overzichtstentoonstelling van haar werk in het Museum van Toegepaste Kunst in Oslo. Sindsdien realiseert men zich in Noorwegen dat Frida Hansen een zeer kundig textielkunstenares en pionier in haar tijd was en is de waardering voor haar tapisserieën weer gegroeid. Vorig jaar was er nog een grote tentoonstelling van haar werk in haar geboortestad Stavanger. Ook de florale motieven en het gebruik van plantaardig geverfde garens dragen in deze tijd van groter besef voor de waarde van de natuur bij aan haar populariteit.
Salomes dans, 1900, ongeveer 2 bij 7 meter.
Salomes dans, 1900, ongeveer 2 bij 7 meter.
Vilde Roser (papavers), 1899.
Vilde Roser (papavers), 1899.
Waar is werk van Frida Hansen te vinden?
Nationaal Museum – Museum van Toegepaste Kunst, Oslo
Drammen Museum, Noorwegen
Stavanger Art Museum
Koninklijk Paleis, Oslo
Nordiska Museet, Stockholm
Kathedraal van Stavanger
* Meer over de techniek van het wandtapijt weven vindt u in het artikel over Maximiliaan van der Gucht.
Danaids jar, 1914.
Danaids jar, 1914.
Faraos datter (Farao's dochter) 1897.
Faraos datter (Farao’s dochter) 1897.

Aantal keren gelezen: 9552.

Deel dit artikel
Facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedintumblrmailFacebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedintumblrmailby feather

One thought on “Frida Hansen, Noors weefster van art nouveau wandtapijten”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *