Archives

Von Samtbrokat und Häutchengold

Koorkap - foto Thomas Richter.

Unieke collectie middeleeuws liturgisch textiel uit Gdansk

In het St. Annen-Museum in Lübeck is vanaf 19 januari 2019 een bijzondere collectie van paramenten te zien. Paramenten zijn van textiel gemaakte liturgische voorwerpen voor de eredienst in met name de Katholieke en Oosters-Orthodoxe kerk, zoals kazuifels, koorkappen en dalmatieken. De collectie komt uit Gdansk (het voormalige Danzig) en stamt uit de 14de eeuw.

Kazuifel met Keulse omranding - foto Thomas Richter.
Kazuifel met Keulse omranding – foto Thomas Richter.
Danziger Paramentenschat
Ongeveer de helft van de beroemde Danziger Paramentenschat is sinds 1990 een permanente lening van de Evangelische kerk van Hannover en is een van de hoogtepunten van de collectie van het St. Annen Museum. Dit zijn de kostbaarste gewaden voor de kerkdienst. Het fijnste borduurwerk met puur goud en Byzantijnse zijde toont de hoge waarde die voorheen aan deze kledingstukken werd toegeschreven.
Meer dan vijfhonderd jaar verborgen geweest
Ze komen uit de voormalige Mariakerk in Gdansk en stammen voornamelijk uit de 14de eeuw. Verborgen in de kerk, overleefden ze de reformatie en oorlogen. Het was pas in de 19de eeuw dat ze werden herontdekt tijdens bouwwerkzaamheden. Wat ze zo speciaal maakt is dat ze al eeuwenlang niet meer zijn gebruikt of veranderd; ze bevinden zich nog precies in de staat van ruim zeshonderd jaar geleden.
Nadat de val van de Berlijnse muur werd een deel van deze textielschatten naar Lübeck gebracht, terwijl de andere helft in Gdansk bleef (nu in het Nationaal Museum). De Danziger Paramentenschat was verschillende jaren niet te zien. Nu zijn voor het eerst geselecteerde stukken optimaal geconserveerd en geïntegreerd in de permanente tentoonstelling van het St. Annen Museum. Grote nadruk wordt gelegd op het samenspel van glas in lood ramen en altaren in combinatie met de symbolisch gebruikte gewaden. Ze dienden allemaal om de eredienst tot een groot feest voor de gelovigen te maken.
Afbeelding van St. Joris op het schild van een koorkap - foto Thomas Richter.
Afbeelding van St. Joris op het schild van een koorkap – foto Thomas Richter.
St. Annen-Museum
Het St. Annen-Museum in Lübeck is gelegen in de voormalige St. Anne’s Priorij, die in 1502 werd gesticht als verblijf voor de ongehuwde dochters van de rijke kooplieden van Lübeck. Het museum is een bijzondere combinatie van laatgotische monastieke architectuur zij aan zij met een verzameling liturgische kunst van de 13de tot de vroeg-16de eeuw. Met de nieuw geopende Paramentenruimte wordt het St. Annen-Museum verrijkt met een belangrijke attractie.
St. Annen Museum.
St. Annen Museum.
Openingstijden
Dinsdag t/m zondag 11.00 – 17.00 uur
Koorkap (detail) - foto Thomas Richter.
Koorkap (detail) – foto Thomas Richter.
Deel dit artikel
FacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailFacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailby feather

Religieus mysterie, mysterieuze religie

Titel 'Wat is er gebeurd?'

Bijzondere wandtapijten met de grote maatschappelijke thema’s als inspiratie

De textielkunstenaar Marjo van der Leeuw – Lauwereys exposeert in het Leids Wevershuis een aantal wandkleden in diverse technieken, waaronder vrijborduren, vilten, roesten en ecoprinten. De kunstwerken zijn geïnspireerd door universele thema’s zoals Weltschmerz, geloof en hoop en in ieder werk worden de levensvragen anders beantwoord. De tentoonstelling is te zien tot 3 maart 2019.

Detail uit 'Phoenix. Op weg naar hoop', textielverharder.
Detail uit ‘Phoenix. Op weg naar hoop’, textielverharder.
Maatschappelijke thema’s
Vervuiling, vluchtelingen, overbevolking, plastic troep, IS, terrorisme, haastig leven en de drukte in deze tijd. Er zijn oorlogen omdat religies botsen en er is geen respect meer voor elkaar. Macht en geld zijn dé middelen om leider te worden, maar daarin mist men inhoudelijke kennis en bezorgdheid over de mensheid en onze aarde. Mensen gaan eraan onderdoor. Geloven mag niet meer in onze maatschappij en alle mysteries moeten wetenschappelijk verklaard worden.
Detail uit de 'Zeven scheppingsdagen', vrijborduren.
Detail uit de ‘Zeven scheppingsdagen’, vrijborduren.
Met textiel en andere materialen en probeert Van der Leeuw deze emotie van ‘wereldpijn’ over te brengen. Het woord wereldpijn komt van het Duitse woord ‘Weltschmerz’, het gevoel van diepe droefheid, pijnlijk ervaren melancholie door verdriet ontstaan door de onvolmaaktheid van de wereld.
Universele vragen
Van der Leeuw vraagt zich in deze expositie af of er nog stilte is in onze wereld. Waar is de rust in onze maatschappij gebleven? Hoe kunnen wij vreedzaam leven? Waar is het respect voor onze omgeving? Mogen we nog geloven? Wat is de zingeving van het leven? Is er een God? Een iets of een niets?
Detail uit de 'Heiligenmuur', foto's met gelmedium overgebracht op stof, roesten en ecoprinten.
Detail uit de ‘Heiligenmuur’, foto’s met gelmedium overgebracht op stof, roesten en ecoprinten.
Ja, er is hoop. Door de kunstenaar weergegeven in verscheidene symbolen. Een phoenix ontworstelend uit het vuur, kruisen als teken van het christendom en amuletten ter bescherming voor kwaad. De hoop dat er meer is dan alleen het leven op aarde. Op deze tentoonstelling komen wanhoop en hoop samen. Geloof en mysterie komen samen op een punt van hoop.
Titel 'Vervolging'.
Titel ‘Vervolging’.
Detail uit 'Het kwade en het goede', roesten en ecoprint.
Detail uit ‘Het kwade en het goede’, roesten en ecoprint.
Bijzondere textiele technieken
Van der Leeuw bewerkt textiel met een veelheid aan bijzondere technieken, zoals vrijborduren, foto’s afdrukken met gelmedium op stof, zelf stoffen kleuren door middel van roesten en ecoprinten, vilten en werken met textielverharder. Het resultaat is een collectie wandkleden met een mysterieuze uitstraling die oproept tot introspectie en reflectie.
Openingstijden
Dinsdag t/m zondag 13.00 – 16.00 uur

Bovenste foto: titel ‘Wat is er gebeurd?’

Titel 'Ieder huis draagt zijn kruis'.
Titel ‘Ieder huis draagt zijn kruis’.
Titel 'Wie bent u?'
Titel ‘Wie bent u?’
'Zoom into infinity', vrijborduren.
‘Zoom into infinity’, vrijborduren.
Deel dit artikel
FacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailFacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailby feather

Inca dress code

Tentoonstelling van zeldzaam Inca-textiel uit de precolumbiaanse tijd

Het Museum Kunst & Geschiedenis (voorheen het Jubelparkmuseum) heeft momenteel een grote tentoonstelling over de precolumbiaanse textielkunst der Inca’s. Behalve textiel zijn er ook prachtige ornamenten en sieraden te zien. De tentoonstelling is tot 24 maart 2019 te zien.

Dit kleine zilveren vrouwelijke figuurtje is omwikkeld met twee lagen weefsel die door een kleine gordel en tupu (metalen speld) worden samengehouden. De figuur houdt verband met het capacocha-ritueel. Zilver, veren, lamawol, katoen, 14 x 8,5 cm, periode 1450 - 1532 CE.
Dit kleine zilveren vrouwelijke figuurtje is omwikkeld met twee lagen weefsel die door een kleine gordel en tupu (metalen speld) worden samengehouden. De figuur houdt verband met het capacocha-ritueel. Zilver, veren, lamawol, katoen, 14 x 8,5 cm, periode 1450 – 1532 CE.
Textiel in de precolumbiaanse tijd
Textiel diende natuurlijk voor het maken van kleding en om de muren in bepaalde woningen te bekleden, maar het was bij de Inca’s bovenal een teken van rijkdom. Het werd beschouwd als een waardevol bezit dat stond voor financiële welstand. Het was dan ook een geliefd geschenk bij diplomatieke uitwisselingen of bij offerandes aan de goden. De eerste Spaanse ontdekkingsreizigers hadden meteen grote bewondering voor de kwaliteit van de textielproductie en maakten geregeld de vergelijking met de Europese zijdeweefsels.
De stoffen ontleenden hun waarde niet zozeer aan de snit, die door het gebruikte type weefgetouw noodgedwongen eenvoudig bleef, maar aan de kwaliteit van de vezels, de rijkelijke decoratie en de diversiteit van kleuren en gebruikte symbolen. De drager van een kledingstuk gaf hiermee te kennen wat zijn sociale positie was en tot welke groep hij behoorde. Hij bracht ook een religieuze boodschap over.
In tijden van conflicten vormden kledingstukken en textiel ook een begeerde oorlogsbuit. Krijgsgevangenen werden van hun kledij ontdaan als teken van onderwerping en vernedering, terwijl de overwinnaar zich de kledingstukken toeëigende of aan de goden schonk. De leider van de onderworpen groep werd verplicht dezelfde kleding als de overwinnaar aan te trekken ten teken van zijn nieuwe ondergeschiktheid.
Met katoen geborduurde lamawollen mantel, versierd met een mythologische scène die verband houdt met voorouders en de vrouwelijke vruchtbaarheid. Nasca-beschaving, circa 100 - 600 CE, 255 x 93 cm.
Met katoen geborduurde lamawollen mantel, versierd met een mythologische scène die verband houdt met voorouders en de vrouwelijke vruchtbaarheid. Nasca-beschaving, circa 100 – 600 CE, 255 x 93 cm.
Hoedje met vier punten van lamawol, Tiwanaku-beschaving, periode 600 - 900 CE.
Hoedje met vier punten van lamawol, Tiwanaku-beschaving, periode 600 – 900 CE.
Weefsels in de precolumbiaanse tijd waren goederen die over grote afstand circuleerden. Via diplomatieke weg of door veroveringen konden textielweefsels, veel meer dan aardewerk, soms grote afstanden afleggen. Dit maakt het toewijzen van bepaalde archeologische stukken aan de juiste cultuur niet eenvoudig.
De textielweefkunst doet zijn intrede in de Andes aan het begin van het 6de millennium BCE, nog voor men er aardewerk produceert en de metallurgie beheerst. Gedurende de vele eeuwen die voorafgaan aan de komst van de Europeanen zal ze voortdurend onderhevig zijn aan vernieuwing en technische verfijning.
Dodenmasker van Huaca de la Luna. Mochica-beschaving, goud, koper, schelpen en steen, 26 cm hoog, circa 100 - 600 CE.
Dodenmasker van Huaca de la Luna. Mochica-beschaving, goud, koper, schelpen en steen, 26 cm hoog, circa 100 – 600 CE.
Textiel als een verheven kunstvorm
In tegenstelling tot vele andere beschavingen, zagen de Andesculturen textiel als een van de hogere kunsten, in die mate zelfs dat het textiel, met zijn maakproces en iconografie, andere kunstvormen zoals ceramiek en architectuur heeft beïnvloed. We weten eveneens dat textiel een belangrijke symbolische en sacrale betekenis had. Zo zijn er ‘offers’ bekend van weefsels die men in brand stak om de goden te behagen. Belangrijke overledenen werden letterlijk ingepakt in meerdere, soms tot twaalf, lagen textiel.
De teksten van de eerste Spanjaarden lichten ons eveneens in over de sterke controle die de Inca-vorst uitoefende over de grondstoffen zoals katoen en wol. Hij beschikte ook over spinnerijen en textielateliers die voor zijn rekening werkten en die de allerfijnste weefsels produceerden met een iconografie waarin hij als heerser werd afgebeeld. Het ging dan ook om een hogere hofkunst die gebonden was aan heel strikte regels.
Unku, lamawol en katoen, Chancay of Chimu, periode 1100 - 1450 CE, 142 x 46 cm.
Unku, lamawol en katoen, Chancay of Chimu, periode 1100 – 1450 CE, 142 x 46 cm.
Inca-textiel nauwelijks bekend
Terwijl we de verschillende samenlevingen in de Andes (Peru, Bolivia en Chili) goed kennen aan de hand van hun aardewerk, metaalproductie en mummies, heeft men een minder duidelijk beeld van de wijze waarop de bewoners van de Andes leefden en gekleed waren. Welke vezels gebruikten ze? Over welke kleurstoffen beschikten ze? Hoe werden de weefsels vervaardigd? Wat droegen ze aan hun voeten?
Paar Inca-schoenen van lamaleer en alpacawol, 1450 - 1532 CE, 24 x 10 cm.
Paar Inca-schoenen van lamaleer en alpacawol, 1450 – 1532 CE, 24 x 10 cm.
Deze tentoonstelling is een gelegenheid om kennis te maken met de prachtige weefsels, de vernuftigheid van bepaalde motieven en de schitterende, bonte kleuren die de stoffen en veren uit de precolumbiaanse periode (de periode voor de ‘ontdekking’ van Amerika) tot op heden behielden. Het Museum Kunst & Geschiedenis wilde Andesbewoners van toen als het ware ‘aankleden’ door hun garderobe (schoeisel, kleding, haartooi en sieraden) tentoon te stellen en hen aan de bezoekers voor te stellen in hun dagelijkse bezigheden. Met dit doel voor ogen is de tentoonstelling in drie delen opgesplitst.
Materialen, technieken, omstandigheden
In het eerste deel wordt informatie aangereikt die nodig is om een juist inzicht te krijgen in de kwaliteit van de voorwerpen en om ze naar waarde te schatten. Het museum geeft uitleg bij de verschillende beschikbare vezels, kleurstoffen en de manier waarop de draden voor het weven werden verkregen. Er zal een katoenveld te zien zijn, evenals opgezette lama’s en alpaca’s en balen wol die de bezoekers mogen aanraken. Verder wordt de manier waarop weefsels werden gemaakt getoond, welke soorten weefsel er toen bestonden en op welke manier men ze versierde. Ook de tijdslijn en de geografie van de Andes worden hier voorgesteld, wat een goede inleiding is voor het tweede deel van de tentoonstelling.
Mantel, vermoedelijk dodenmantel, van blauwe lamawollen stof met 53 met katoenen garen geborduurde motieven in telkens tien kleuren. Paracas-beschaving, circa 200 BCE - 100 CE, 240 x 88 cm.
Mantel, vermoedelijk dodenmantel, van blauwe lamawollen stof met 53 met katoenen garen geborduurde motieven in telkens tien kleuren. Paracas-beschaving, circa 200 BCE – 100 CE, 240 x 88 cm.
Inca-hoofdtooi van veren en plantaardige vezels, periode 1450 - 1532 CE, 34 x 26 cm.
Inca-hoofdtooi van veren en plantaardige vezels, periode 1450 – 1532 CE, 34 x 26 cm.
Eenheid en verdeeldheid wisselen elkaar af
In dit deel, het corpus van de tentoonstelling, worden de verschillende producties van textiel, sieraden en tooi uit de Andes voorgesteld in chronologische en geografische volgorde. De expositie toont ongeveer tweehonderd objecten, waaronder een aantal bijzonder goed geconserveerde voorwerpen en topstukken uit verschillende Europese musea en privéverzamelingen. De chronologie van Peru is opgebouwd uit periodes die men ‘Horizon’ en ‘Tussenperiode’ noemt. Een Horizon is een periode waarin de macht en invloedssfeer van een bepaalde beschaving zich over heel Peru uitstrekt. In de zogenaamde Tussenperiodes leven meerdere beschavingen met hun regionale kenmerken en verscheidenheid naast elkaar. Met andere woorden: in de vroege Peruaanse geschiedenis wisselen periodes van betrekkelijke culturele eenheid (Horizon) af met periodes van grote regionale diversiteit (Tussenperiode). Deze Tussenperiodes zijn gekenmerkt door een opeenvolging van kleine koninkrijken die zich uitstrekken van noord naar zuid.
Grote cocatas versierd met gestileerde vogels, lamawol en katoen, periode 1450 - 1532 CE, 81 x 89 cm.
Grote cocatas versierd met gestileerde vogels, lamawol en katoen, periode 1450 – 1532 CE, 81 x 89 cm.
De koloniale en postkoloniale periode
Het derde en laatste deel van de tentoonstelling is gewijd aan het textiel en de tooi uit de koloniale en postkoloniale periode. Hier wordt vooral de voortzetting van de precolumbiaanse traditie belicht. De Europeanen arriveren in 1521 in het huidige Peru en zullen de gewoontes en gebruiken van de volkeren die er leven grondig doen veranderen. Her en der vinden gevechten plaats, waarbij twee verschillende beschavingen, ook op gebied van bewapening, oog in oog komen te staan. Er volgt een lange overgangsperiode van kruisbestuiving tussen de culturen, wat zich ook zal uiten in de kunstproductie en in de kleding. De handwevers van vandaag weven nog steeds op de traditionele manier en maken gebruik van eeuwenoude motieven. De prachtige verzameling weefsels en kledij uit de jaren 1940, die de Koninklijke Musea van Kunst en Geschiedenis bezitten, wordt hier getoond. Het is een van de oudste en rijkste etnografische collecties die bekend is en die jammer genoeg slechts zelden voor het publiek te zien is.
Openingstijden
Dinsdag t/m vrijdag 9.30 – 17.00 uur
Zaterdag en zondag 10.00 – 17.00 uur
Unku, een tuniek in Chuquibamba-stijl van lamawol en katoen. Inca-beschaving, periode 1450 - 1532 CE, 55 x 96 cm.
Unku, een tuniek in Chuquibamba-stijl van lamawol en katoen. Inca-beschaving, periode 1450 – 1532 CE, 55 x 96 cm.
Lendendoek van katoen en veren. Wari-beschaving, periode 600 - 900 CE, 20 x 41 cm.
Lendendoek van katoen en veren. Wari-beschaving, periode 600 – 900 CE, 20 x 41 cm.
Unku met veren, Peru, late Inca-beschaving, tussen 1450 - 1532.
Unku met veren, Peru, late Inca-beschaving, tussen 1450 – 1532.
Deel dit artikel
FacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailFacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailby feather

De Tijdelijke Textieldrukkerij

Tentoonstelling en textielwerkplaats over het bedrukken en verven van textiel

Oude textielambachten en de allernieuwste technieken voor het bedrukken en verven van textiel smelten samen in De Tijdelijke Textieldrukkerij, een tentoonstelling en een textielwerkplaats in één. In de tentoonstelling, die gaat over het verfraaien van textiel door middel van verven en bedrukken, worden in samenwerking met de Textiel Factorij Amsterdam ontwerpen van Nederlandse kunstenaars getoond. Daarnaast zijn prachtige objecten uit de textielcollectie van De Museumfabriek te zien.

Gestempeld textiel met inktstempels.
Gestempeld textiel met inktstempels.
Meedoen in De Makerspace
In de Makerspace, die geheel is ingericht als textielwerkplaats, kan iedereen – jong en oud, ervaren en onervaren – aan de slag met bijzondere verf- en druktechnieken. Het gevarieerde activiteitenprogramma nodigt uit om zelf te bedenken, te ontwerpen en te maken. De Museumfabriek biedt tevens een gevarieerd programma-aanbod met bijzondere workshops waarin deelnemers met ervaren textieldocenten aan de slag kunnen met de modernste mogelijkheden, maar ook met eeuwenoude technieken in workshops zoals stempelen, blokdruk, batik, Staphorster stipwerk en historische verf maken. Het complete workshopprogramma vindt u op de website van De Museumfabriek.
Stempels voor Staphorster stipwerk en het resultaat dat ermee bereikt wordt.
Stempels voor Staphorster stipwerk en het resultaat dat ermee bereikt wordt.
Verleden, heden en toekomst van textiel
In de tentoonstelling is nieuw werk te zien van tien bekende Nederlandse kunstenaars en ontwerpers. Zij namen deel aan het artistiek onderzoeksproject van de Textiel Factorij en reisden hiervoor af naar India, om samen te werken met Indiase ambachtslieden met wie ze de oude tradities en nieuwe technische mogelijkheden van textiel onderzochten. Er is werk te zien van Aliki van der Kruijs, Antonio Jose Guzman, Iva Jankovic, Anastasia Starostenko, Gerard Jasperse, Gerard van Oosten, Esther Jongsma, Ruud Lanfermeijer, Sujata Majumdar, Lieselot Versteeg, Saar Scheerlings, Marloeke van der Vlugt, Marlies Visser en Meeta Mastani.
Het Koningsdoek van koning Willem I, vervaardigd in 1830 als geschenk voor Indiase vorsten om de handelsrelatie tussen de twee landen te verstevigen.
Het Koningsdoek van koning Willem I, vervaardigd in 1830 als geschenk voor Indiase vorsten om de handelsrelatie tussen de twee landen te verstevigen.
De tentoonstelling toont daarnaast een prachtige selectie objecten uit de textielcollectie van De Museumfabriek. Ze vertellen een historisch verhaal, van de geschiedenis van het bedrukken van textiel tot aan de hypermoderne digitale druktechnieken van vandaag. Een van de topstukken in de tentoonstelling is het onlangs gerestaureerde Koningsdoek van Willem I dat vervaardigd is in 1830 als geschenk voor Indiase vorsten om de handelsrelatie tussen twee landen te verstevigen. Je bladert door het gedigitaliseerde dessinboek van Land & Van Marle, dat meer dan 3500 prachtige, op Indiase sits geïnspireerde dessins toont uit de periode 1813-1832.
In Het Textielarchief worden meer dan 10.000 textielstalen en dessinontwerpen uit de collectie van De Museumfabriek digitaal gepresenteerd. Bovendien wordt voor het eerst een verfboekje uit 1794, met historische verfrecepten, tentoongesteld.
Mata ni Pachedi, een kunstvorm waarbij met de bamboopen wordt geschilderd op doek.
Mata ni Pachedi, een kunstvorm waarbij met de bamboopen wordt geschilderd op doek.
De Textielfactorij
De Textiel Factorij is een artistiek onderzoeksproject gebaseerd op het gezamenlijk erfgoed van Nederland en India. In de tijd van de Verenigde Oost-Indische Compagnie bestond er een levendige handel in Indiase sits: katoen beschilderd met veelkleurige patronen. Nederlandse kunstenaars en ontwerpers werkten in India samen met eeuwenoude technieken en hebben daarmee een hedendaagse invulling gegeven aan deze cross-culturele uitwisseling. Het resultaat: nieuwe ontwerpen die een wisselwerking laten zien tussen ambacht, ontwerp, kleedgedrag en beeldtaal in India en Nederland, in heden en verleden. De Textiel Factorij bevordert duurzame kennisuitwisseling en draagt bij aan de instandhouding van het gedeeld cultureel erfgoed.
Openingstijden
Dinsdag t/m zondag 11.00 – 17.00 uur
Workshop fotografische blauwdruk.
Workshop fotografische blauwdruk.
Nieuwe druk- en verftechnieken.
Nieuwe druk- en verftechnieken.
Roofdruk in de Makerspace.
Roofdruk in de Makerspace.
Deel dit artikel
FacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailFacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailby feather

Soft? Tactiele Dialogen

'Air Dancers' van Wiesi Will, 2018.

Onverwachte toepassingen van textiel uit het Antwerpse ModeMuseum

Momenteel is het ModeMuseum in Antwerpen gesloten voor grote renovatiewerken (heropening najaar 2020), maar heeft het MoMu wel enkele andere projecten lopen, waaronder de tentoonstelling ‘Soft? Tactiele dialogen’ in het Maurice Verbaet Center. Deze tentoonstelling gaat over de vrijheid waarmee kunstenaars zich bewegen tussen verschillende media, over onverwachte toepassingen van textiel, over tactiliteit en aversie, over texturen en de huid van sculpturen.

'Treurend vangnet' van Liberta Ferket, 1975.
‘Treurend vangnet’ van Liberta Ferket, 1975.
Belgische textielkunstenaars in de jaren ’70 en ’80
Deze tentoonstelling gaat over het werk van Belgische textielkunstenaars uit de jaren ’70 en ’80 uit de collectie van het MoMu in een inspirerende dialoog met hedendaagse kunstenaars die zich vrij uitdrukken in textiel. In de jaren ’60 en ’70 vinden zowel feministische, post-minimalistische als fiber-art kunstenaars hun weg naar textiel. Ze worden aangetrokken door de esthetische mogelijkheden, het structurele potentieel en de betekenisgevende kracht van dit ‘zachtere’ materiaal.
Het intuïtieve of militante gebruik van textiel – een materiaal dat traditioneel geassocieerd wordt met commerciële of industriële toepassingen – oefent druk uit op de strenge scheiding tussen de ‘echte’ en de toegepaste kunst. Juist door de associatie van textiel met ‘vrouwenwerk’ of ‘decoratie’ gebruiken feministische kunstenaressen het om de machtsverhoudingen binnen de kunstwereld aan de kaak te stellen.
Horizon flexibles, Tapta, 1976.
Horizon flexibles, Tapta, 1976.
Ook Belgische kunstenaars zoals Veerle Dupont, Suzannah Olieux, Hetty Van Boekhout, Liberta Ferket en Edith Van Driessche drukten zich in de jaren ’70 en ’80 uit in textiel. Hun oeuvre vormt een bijzondere deelcollectie van MoMu. Het werk van de Belgisch-Poolse textielkunstenares Tapta, een bekendere generatiegenoot, is deel van de ‘Collectie Verbaet’, een private kunstcollectie die focust op Belgische moderne naoorlogse kunst.
Hoewel deze textielkunstenaars zich vaak in de marge van de kunstwereld bewogen, waren hun aanhoudende inspanningen cruciaal voor de acceptatie van textiel als medium voor hedendaagse kunst.
'Animal Mask' van Christoph Hefti, 2016.
‘Animal Mask’ van Christoph Hefti, 2016.
Dialoog tussen twee generaties in de textielkunst
In ‘Soft?’ presenteert MoMu het werk van deze eerste generatie voor het eerst in dialoog met hedendaagse kunstenaars als Kati Heck, Nel Aerts, Anton Cotteleer, Sven ‘t Jolle, Klaas Rommelaere, Christoph Hefti, Stéphanie Baechler, Ermias Kifleyesus, Gommaar Gilliams, Wiesi Will en Kirstin Arndt.
'Beautiful Seeds' van Ermias Kifleyesus, 2011.
‘Beautiful Seeds’ van Ermias Kifleyesus, 2011.
De jongste generatie drukt zich probleemloos en vrij uit in textiel, vaak in combinatie met andere media. Deze vrijheid danken ze aan de strijd van die eerste generatie en aan de veranderde perceptie binnen de kunstkritiek dat de artistieke kwaliteit van het werk van kunstenaars weinig te maken heeft met tijl of medium, maar juist met hun artistieke intentie.
‘Soft?’ gaat over de vrijheid waarmee kunstenaars zich bewegen tussen verschillende media, over onverwachte toepassingen van textiel, over tactiliteit en aversie, over texturen en de huid van sculpturen.
Openingstijden
Vrijdag t/m zondag 13.00 – 18.00 uur

Bovenste foto: ‘Air Dancers’ van Wiesi Will, 2018.

'Schutzengel of Painting' van Kati Heck, 2015.
‘Schutzengel of Painting’ van Kati Heck, 2015.
'Proberen de goede ganzenhouder te zijn' (detail), Anton Cotteleer, 2012.
‘Proberen de goede ganzenhouder te zijn’ (detail), Anton Cotteleer, 2012.
'Future' van Klaas Rommelaere, 2018.
‘Future’ van Klaas Rommelaere, 2018.
'Animal Mask' van Christoph Hefti (detail), 2016.
‘Animal Mask’ van Christoph Hefti (detail), 2016.
Deel dit artikel
FacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailFacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailby feather

Kleur & abstractie – generaties in dialoog

Overzicht tentoonstelling, werken: muur links naar rechts: Rafaël Rozendaal, ‘Abstract Browsing 17 08 10X’, Peter Struycken, ‘'Boulez -22 -30 mei 04 -06 maart 05 -03.bmp', Ria van Eyk, ‘zonder titel’. Voorgrond: Heleen Klopper, ‘3d tapijt’. Foto Josefina Eikenaar.

Twee generaties kunstenaars verkennen kleur en vorm in textiel

Tot 3 maart 2019 is in het Textielmuseum in Tilburg in de expositie ‘Kleur & abstractie – generaties in dialoog’ een breed spectrum aan abstracte textiele werken te zien vanaf de jaren 1960 tot nu. Twee generaties kunstenaars en vormgevers treden met hun werken in een dialoog. Er wordt zowel werk getoond van de oudere generatie kunstenaars die het thema kleur en abstractie in het medium textiel verkent, als ook werk van de jongere generatie die geïnteresseerd is in het onderwerp. In enkele films, middels schetsen en stalen wordt ook het maakproces van een aantal kunstenaars belicht. Een primeur zijn de werken van Rafaël Rozendaal en Formafantasma, gemaakt in opdracht van het Textielmuseum.

Boulez-22 -30 mei 04 -06 maart 05 -03.bmp van Peter Struycken, 2004-2005, 272 x 160 cm - foto Joep Vogels.
Boulez-22 -30 mei 04 -06 maart 05 -03.bmp van Peter Struycken, 2004-2005, 272 x 160 cm – foto Joep Vogels.
Generaties in dialoog
Vierkanten en strepen in helderrood, roze, lichtblauw, turquoise en citroengeel voegen zich tot een immense, kleurrijke blokkendoos. De Nederlands-Braziliaanse kunstenaar Rafaël Rozendaal (*1980) creëert een hallucinerende kleurervaring met zijn vijf meter brede, geweven wandwerk ‘Abstract Browsing’ (2017). Rozendaal, woonachtig in New York, heeft in korte tijd naam gemaakt als internetkunstenaar gespecialiseerd in kleur en licht.
Sinds enkele jaren transformeert hij computerbeelden in het TextielLab tot felgekleurde geweven doeken. Hij treedt daarmee in de voetsporen van de Nederlandse meester van het kleurexperiment Peter Struycken (*1939). Zijn doeken ademen dynamiek en muzikaliteit. Al in 1969 gebruikt Struycken de computer voor het genereren van zijn kunst. In het TextielLab is hij een van de eerste kunstenaars die zich systematisch verdiept in de kleurmogelijkheden van computer-vervaardigde weefsels.
‘Zonder titel’ door Ria van Eyk, 1977-1978, 212 x 35 cm - foto Josefina Eikenaar.
‘Zonder titel’ door Ria van Eyk, 1977-1978, 212 x 35 cm – foto Josefina Eikenaar.
Amoeba van Studio Bertjan Pot, 2015, 393 x 252 cm - foto Moooi Carpets.
Amoeba van Studio Bertjan Pot, 2015, 393 x 252 cm – foto Moooi Carpets.
De rol van kleur
Kleuren roepen stemmingen op, zonder dat we ons daar op het moment van waarneming bewust van zijn. Zelfs bij een blind persoon verhoogt de hartslag bij het binnentreden in een rode ruimte. Beeldend kunstenaars gebruiken kleuren om formele en persoonlijke redenen, om uitdrukking te geven aan een emotie of een spirituele ervaring of om met de kijker te communiceren. Peter Struycken, Ria van Eyk, Lam de Wolf, geboren tussen 1939 – 1955, behoren tot de oudere generatie van kunstenaars die het thema kleur en abstractie in het medium textiel verkent. De jongere generatie die is geïnteresseerd in het onderwerp kleur en abstractie wordt vertegenwoordigd door kunstenaars als Reinoud van Vught en Rafaël Rozendaal maar ook vormgevers als Bertjan Pot en het Eindhovense duo Raw Color. Reinoud van Vught (*1960) hanteert, vergeleken met Struycken en Rozendaal, een zacht kleurpalet en een meer ambachtelijke werkwijze. Zijn poëtische wandkleden in subtiele natuurlijke tinten vinden hun oorsprong in een serie grote tekeningen waarin hij experimenteert met verf en water.
Driedimensionaliteit in textiel
Textiel in de kunst stond lange tijd synoniem voor het tweedimensionale vlak van wandkleden. De emancipatie van textiel als medium in de beeldende kunst vanaf de jaren ’60 brengt daar verandering in. Er ontstaan driedimensionale textiele werken en installaties: geweven sculpturen, doeken in latex gedompeld en materiaalexperimenten met synthetische garens, metaaldraad, sisal en hennep. De keuze voor textiel zorgt voor een bijzondere, visuele en fysieke ervaring. Désirée Scholten-van de Rivière en Loes van der Horst, maar ook Harry Boom, Lam de Wolf en Marjan Bijlenga zijn Nederlandse pioniers in het verkennen van de vormende mogelijkheden van textiel.
Fransje Killaars, ‘Hemelbed’ - foto Josefina Eikenaar.
Fransje Killaars, ‘Hemelbed’ – foto Josefina Eikenaar.
‘Zonder titel’ (detail) door Ria van Eyk, 1977-1978, 212 x 35 cm - foto Victor E. Nieuwenhuys.
‘Zonder titel’ (detail) door Ria van Eyk, 1977-1978, 212 x 35 cm – foto Victor E. Nieuwenhuys.
Vandaag de dag pakt een jongere generatie de draad op. Naast ambachtelijke technieken gebruiken zij de computer om complexe textiele structuren te creëren. ‘High Twist Wool / Silver Ellipse’ (2016), een weefsel van de Berlijnse kunstenaar Ursula Wagner, is er een goed voorbeeld van. Haar elegante draperie is opgebouwd uit meerdere lagen en neemt een driedimensionale vorm aan door een slim samenspel van garens en bindingen. Het Italiaanse ontwerpersduo Formafantasma deed onderzoek naar de toepassingen van licht met betrekking tot reflectie, schaduw, kleur en ruimte. Door het gebruik van spiegels en andere optische instrumenten ontstaan interessante visuele effecten. Achter het artistieke uiterlijk van de serie minimale lichtobjecten zit een high-tech, functionele benadering tot design verscholen.
Openingstijden
Dinsdag t/m vrijdag 10.00 – 17.00 uur
Zaterdag en zondag 12.00 – 17.00 uur

Bovenste foto: Overzicht tentoonstelling, werken: muur links naar rechts: Rafaël Rozendaal, ‘Abstract Browsing 17 08 10X’, Peter Struycken, ‘’Boulez -22 -30 mei 04 -06 maart 05 -03.bmp’, Ria van Eyk, ‘zonder titel’. Voorgrond: Heleen Klopper, ‘3d tapijt’. Foto Josefina Eikenaar.

Rood van Désirée Scholten, 1975, 300 x 155 cm - foto Josefina Eikenaar.
Rood van Désirée Scholten, 1975, 300 x 155 cm – foto Josefina Eikenaar.
Deel dit artikel
FacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailFacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailby feather

Merk- en Stoplappen rond de Oosterschelde

Borduurlap in Biedermeierstijl uit 1854 'MvdE', bruikleen Stadhuismuseum Zierikzee.

Oude merk- en stoplappen en hun maaksters

Het Historisch Museum de Bevelanden toont vanaf 8 december 2017 merk- en stoplappen van het Stadhuismuseum Zierikzee, aangevuld met werk uit eigen collectie. Rond de Oosterschelde worden al generaties lang prachtige borduurwerken gemaakt. Reden om een aantal van deze werken, waaronder lappen uit de periode tussen 1740 en begin 1800, eens extra voor het voetlicht te brengen.

Stoplap uit 1754, bruikleen Stadhuismuseum Zierikzee.
Stoplap uit 1754, bruikleen Stadhuismuseum Zierikzee.
Stoplap uit 1918, door Jo Put in het Burger Weeshuis te Zierikzee gemaakt, bruikleen Stadhuismuseum Zierikzee.
Stoplap uit 1918, door Jo Put in het Burger Weeshuis te Zierikzee gemaakt, bruikleen Stadhuismuseum Zierikzee.
Merklappen
Genealogie vormt de rode draad in deze tentoonstelling. Mede hierdoor komt de aandacht te liggen op het handwerkonderwijs en het begrip stoplap. Bij stoplappen leerde men op een lap diverse technieken om delicate stoffen te herstellen, bijvoorbeeld bij damast tafellinnen. Op goede naaischolen en ook in de weeshuizen leerden meisjes op die manier een vaardigheid waarmee ze zich later in hun onderhoud konden voorzien. Om deze techniek te leren werd in de stof een gat gemaakt en met contrasterende kleuren (om de fouten, maar ook hoe het echt moet, goed te kunnen zien) de desbetreffende weeftechniek geoefend. Deze lappen werden meestal gemaakt door meisjes van 12 jaar en ouder.
Merklap uit 1771 door Barbara Haringman uit Middelburg, particulier bezit.
Merklap uit 1771 door Barbara Haringman uit Middelburg, particulier bezit. Geb.* 16-11-1759 Colijnsplaat † 21-01-1828 Middelburg. Zij huwt op 12-9-1790 te Colijnsplaat met Jacobus de Koning. Zij krijgt handwerkles van Maria van der Baan , *4-1-1745 †12-1-1773 Zierikzee.
De maaksters en hun onderwijzeressen
Gezocht is naar de genealogische gegevens van de maaksters en hun families die in deze tentoonstelling, door middel van hun werk, hun eigen verhaal vertellen. Bij de zoektocht naar de herkomst van deze lappen is gebleken dat moeder (1743) en dochter (1771) bijvoorbeeld dezelfde motieven gebruiken. Voor de liefhebbers van antieke merklappen een unieke kans om deze met elkaar te kunnen vergelijken.
Ook een stukje onderwijs over het begrip stoplap wordt hierdoor belicht. Op een aantal lappen wordt naast de naam van de maakster ook de onderwijzeres genoemd. Daardoor wordt het handwerkonderwijs in de weeshuizen van Zierikzee en Goes zichtbaar gemaakt.
Stoplap, in 1799 te Middelburg gemaakt door Sentina Fokker, bruikleen Stadhuismuseum Zierikzee.
Stoplap, in 1799 te Middelburg gemaakt door Sentina Fokker, bruikleen Stadhuismuseum Zierikzee.
‘Merk- en stoplappen rond de Oosterschelde’ is opgebouwd met een deel van de collectie van het Stadhuismuseum te Zierikzee, een aantal particuliere lappen uit Noord-Beveland, aangevuld met merk- en stoplappen uit de collectie van het Historisch Museum De Bevelanden.
Openingstijden
Maandag t/m vrijdag 11.00 – 17.00 uur

Bovenste foto: Borduurlap in Biedermeierstijl uit 1854 ‘MvdE’, bruikleen Stadhuismuseum Zierikzee.

Merklap uit 1796, waarschijnlijk van het eiland Tholen, bruikleen Stadhuismuseum Zierikzee.
Merklap uit 1796, waarschijnlijk van het eiland Tholen, bruikleen Stadhuismuseum Zierikzee. Midden op de lap staan in de kerk de initialen a b v en het jaartal 1796 geborduurd. Aan de onderzijde van de lap is een huis met een gesloten poort met daarop een haan en naast de
poort een waterput geborduurd.
Merklap uit 1760 'MPA MF', bruikleen Stadhuismuseum Zierikzee.
Merklap uit 1760 ‘MPA MF’, bruikleen Stadhuismuseum Zierikzee.
Deel dit artikel
FacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailFacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailby feather

Geschilderd met de naaimachine

Busstation Luga.

Realistische afbeeldingen in textiel van Adinka Tellegen

Momenteel is in Museum het Leids Wevershuis een tentoonstelling te zien van werken van Adinka Tellegen. Het opvallende van deze geheel in textiel uitgevoerde afbeeldingen is dat op een afstand gezien deze kunstwerken er helemaal niet als textiel uitzien. Pas wanneer je deze werken van dichtbij bekijkt zie je dat ze zijn opgebouwd uit vele lagen lapjes, machinaal stikwerk en transparante lapjes om nuances en schaduwen te creëren.

Adinka Tellegen.
Adinka Tellegen.
Adinka Tellegen (*Brielle 1948) heeft in de jaren ’60 aan de Gerrit Rietveldacademie te Amsterdam een opleiding edelsmeden en daarna grafiek gevolgd, waarna ze overstapte op Slavische talen (Russisch) aan de Universiteit van Amsterdam. Hoewel haar affiniteit tot textiel altijd groot is geweest, hebben haar activiteiten op dat gebied zich lange tijd beperkt tot gelegenheidswerkstukken. Pas op latere leeftijd heeft ze zich er volledig aan overgegeven in het besef dat het voor haar de meest eigen manier is om zich uit te drukken.
Klimmuur Odessa ‘Skalodrom'.
Klimmuur Odessa ‘Skalodrom’.
Techniek
Haar doelstelling is om in textiel te schilderen, en wel zodanig dat op het eerste gezicht niet meteen duidelijk is dat het genaaid is, en vaak ook niet op het tweede. Ze werkt op basis van een foto die door haarzelf gemaakt moet zijn. Dat laatste is essentieel; kleur is een belangrijk element in haar werk.
De ondergrond is kaasdoek, waarop de grondlaag wordt aangebracht door middel van uitgeknipte stukjes stof in ongeveer de kleur en vorm van de afbeelding. Op deze ondergrond wordt het doek ‘geschilderd’ door er met de zig-zag-steek van de naaimachine in de benodigde kleuren overheen te gaan. Met behulp van tal van transparante stoffen worden de nuances en schaduwen aangebracht. Al werkend wordt het doek dikker en stijver.
Harondel.
Harondel.
Natuurgetrouwe weergave
Zij streeft opzettelijk een precieze, natuurgetrouwe weergave na, waar het materiaal zich eigenlijk niet toe leent. Het is een uitdaging dat toch voor elkaar te krijgen en een tijdrovende bezigheid, al was het maar omdat het werk voortdurend onder de naaimachine vandaan gehaald moet worden om het op afstand te kunnen beoordelen of het beoogde effect bereikt wordt. Gemiddeld doet zij een half jaar over een doek.
In 2015 heeft zij werk ingezonden voor de internationale expositie in de Pieterskerk in Leiden voor het Textielfestival van 2015. Ze werd genomineerd en wist de 2de prijs te behalen met haar werk ‘Schiermonnikoog’. Een uitgebreid interview met veel foto’s van haar werk is te zien op TextileArtist.org.
Schiermonnikoog.
Schiermonnikoog.
Openingstijden
Dinsdag t/m zondag 13.00 – 16.00 uur
Campneuseville.
Campneuseville.
Deel dit artikel
FacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailFacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailby feather