Archives

Terug in de tijd

Dirkje van der Horst-Beetsma - Fryske loft.

Dirkje van der Horst-Beetsma – Fryske loft.

Veelzijdige textielkunst van Dirkje van der Horst-Beetsma

Tot 28 april is er in het Leids Wevershuis de tentoonstelling ‘Terug in de tijd’ te zien met textielkunst van Dirkje van der Horst-Beetsma. Haar werk is moeilijk in te delen, maar veelzijdig: gebruik van textiel en papier en technieken zoals quilten, vrij machine- en handborduren zijn allemaal terug te vinden in haar werk. Haar inspiratiebronnen zijn al net zo veelzijdig.

Dirkje van der Horst-Beetsma.
Dirkje van der Horst-Beetsma.
Dirkje van der Horst-Beetsma heeft geen kunstopleiding gehad en voelt zich vrij om haar eigen weg te volgen. Zij heeft altijd een grote belangstelling gehad voor beeldende kunst, ze bezoekt vaak musea en tentoonstellingen. De combinatie textiel en papier heeft haar voorkeur. Ze geniet van het warme gevoel van stoffen, de verschillende materialen en technieken en combinaties daarvan. Ook het handborduren heeft haar grote belangstelling.
Van der Horst begon in de jaren ’70 met het volgen van een cursus Textiele Werkvormen. Ze merkte dat ze een goed kleurgevoel had. Ze houdt van het maken van haar werk; uren, dagen achter de naaimachine. Ook tijdens een tentoonstelling zit ze soms in de ruimte te werken aan nieuw werk en ziet het publiek het ontstaan ervan.
Dirkje van der Horst-Beetsma - Floriade.
Dirkje van der Horst-Beetsma – Floriade.
Dirkje van der Horst-Beetsma - Skoda 1.
Dirkje van der Horst-Beetsma – Skoda 1.
Inspiratie is overal om ons heen
Ze werkt impulsief. Aan inspiratie geen gebrek: ‘het is om ons heen’. Ze maakt foto’s van de meest uiteenlopende onderwerpen, zoals putdeksels, oud ijzer, waslijnen, opschriften, luchten, landschappen, lijnen in architectuur, gesloten deuren, ramen, hekken. Veel van haar werken hebben een ‘flap’; net als met het lostrekken van behang komt er iets anders achter te voorschijn.
Momenteel is ze bezig met een serie luchten en landschappen: mooi-weer luchten, storm, ’t landschap waar zij opgegroeid is. Ook gebruikt ze oude familiefoto’s die op stof zijn afgedrukt. Er zijn zoveel verhalen en herinneringen weer te geven.
Van der Horst is sinds 1999 lid van de internationale Quilt Art groep.
Aanwezig tijdens de tentoonstelling
Op 10, 15, 19 en 29 maart en 6, 14, 19 en 26 april zal de kunstenares voor tekst en uitleg aanwezig zijn op de tentoonstelling.
Openingstijden
Dinsdag t/m zondag 13.00 – 16.00 uur
Dirkje van der Horst-Beetsma - Storm 1.
Dirkje van der Horst-Beetsma – Storm 1.
Dirkje van der Horst-Beetsma - Memories.
Dirkje van der Horst-Beetsma – Memories.
Deel dit artikel
FacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailFacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailby feather

Zo heurt het (niet!): het versleten linnengoed van de barones

Verschillende merken 'SOB' van de linnenuitzet van Wilhelmina Cornelia barones Schimmelpenninck van der Oye uit 1901.

Tentoonstelling over versleten, kapot en gerepareerd linnengoed

Kunsthistorica Sanny de Zoete uit Delft heeft zich gespecialiseerd in antiek linnen damast. Museum het Leids Wevershuis heeft met Sanny de Zoete als gastconservatrice een bijzondere tentoonstelling ingericht over versleten, kapot en gerepareerd linnengoed, die te zien is tot 12 augustus.

Linnengoed is onze ‘derde huid’; we drogen ons er aan af, we slapen er tussen en vroeger aten we van gedekte tafels; ook de gewone man dekte de tafel met een tafellaken. In heden en verleden, hier en nu, ver weg en dichtbij, gebruiken mensen elke dag huishoudtextiel. Helaas raakt deze ‘derde huid’ in de vergetelheid, ons tegenwoordige linnengoed (gemaakt van katoen) is spotgoedkoop en als er een gaatje in verschijnt, gooien we het weg. Dat was heel anders in het verleden; het werd in tijden van schaarste en/of armoede veelvuldig gerepareerd en hersteld. Normaliter werd dat heel mooi gedaan; meisjes leerden al op jonge leeftijd hoe ze hun huishoudtextiel moesten stoppen. In de praktijk gaat het er soms heel anders aan toe en ook dat is op deze tentoonstelling te zien.
Versteld pyjamajasje en wafeldoeken, met trouwfoto Odette Graber en Asueer Jacob baron Schimmelpenninck van der Oye, 7 november 1945.
Versteld pyjamajasje en wafeldoeken, met trouwfoto Odette Graber en Asueer Jacob baron Schimmelpenninck van der Oye, 7 november 1945.
Linnengoed eindeloos verstellen
Sanny de Zoete verzamelt behalve het mooie linnengoed van welgestelde families ook kapot en versleten linnen, want dat vertelt een heel eigen verhaal over duurzaamheid, zuinigheid, en noodzaak. Door deze visie op linnengoed bleef een deel van een adellijke linnenuitzet bewaard met tot op de draad versleten tafellakens, servetten, beddenlakens, slopen, stofdoeken, theedoeken en handdoeken. Het is niet mooi gerepareerd, totaal niet zelfs, het is zo lelijk hersteld dat het ons aller verbazing wekt. Hoe kun je nog een servet gebruiken dat van de stoppen aan elkaar hangt, hoe kun je stof afnemen met een stofdoek waar slierten gerafelde randen aan hangen.
De tentoonstelling wordt om dit versleten linnengoed gebouwd door in stalenboeken te laten zien hoe het linnen er uitzag toen het nog nieuw was. Door stoplappen toe te voegen om te laten zien hoe het wel gerepareerd had moeten worden. Door rekeningen te laten zien hoe duur het linnen vroeger was. In vergelijking met nu: een mooi linnen servet kostte begin 1900 f 4,50, dat was net zo veel als het dagloon van drie dagen van een vrouw die het linnen stopt! Een eenvoudig servet kostte een dagloon van de stopster. Museum het Leids Wevershuis levert, met haar authentieke uitstraling, een ultiem decor voor deze bijzondere expositie.
Sanny de Zoete maakt sinds 1997 tentoonstellingen met musea in binnen- en buitenland over linnengoed. Deze trekken altijd veel publiek en worden goed bezocht. Ze werkte in 2015/2016 mee aan de zeer succesvolle tentoonstelling ‘Nederland dineert’ in het Haags Gemeentemuseum. Het Museum of Fine Arts in Boston kreeg eveneens in 2015/2016 een bruikleen van 17de-eeuws damast voor de tentoonstelling ‘Class distinctions, Dutch painting in the age of Rembrandt and Vermeer’. De Zoete schreef artikelen voor de bijbehorende publicaties. Het Rubenshuis in Antwerpen herbergt een langdurig bruikleen 17de-eeuws linnengoed van De Zoete.
Verstelde kussensloop van Odette Graber (voor 1945).
Verstelde kussensloop van Odette Graber (voor 1945).
Linnengoed van barones Schimmelpenninck van der Oye
‘Ach kind, zo heurt het toch niet,’ zou Wilhelmina Cornelia barones Schimmelpenninck van der Oye-de Beaufort gezegd hebben als ze het verstelde linnengoed van haar schoondochter Odette had gezien. De Zwitserse verpleegster Odette is zuinig, heel zuinig op het weinige linnengoed dat ze heeft als ze op 7 november 1945 trouwt met Asueer Jacob baron Schimmelpenninck van der Oye. Ze leerde hem kennen toen hij in 1937/38 vanwege zijn tuberculose in de Zwitserse Alpen kwam kuren en ze werden verliefd. Maar voordat ze konden trouwen brak de oorlog uit en zo duurde het nog zes jaar voor Odette landt op Schiphol waar Jaap haar opwacht met anjers in zijn hand.
De oorlog is net voorbij, er is gebrek aan alles en zeker ook aan huishoudtextiel. Een linnen uitzet is niet aan de orde. Waarschijnlijk krijgt ze daarom van Wilhelmina lakens, slopen, handdoeken, een paar tafellakens en servetten, alles gemerkt SOB, die nog van Wilhelmina’s eigen linnenuitzet uit 1901 dateren. Samen met het weinige linnen dat Odette van zichzelf heeft en dat gemerkt is met OG (voor Odette Graber) begint Odette een nieuw leven in Nederland. De lakens en slopen slijten en Odette repareert en repareert. Ze zet er lappen op, ze knipt er een versleten stuk af, naait een kantje en een tussenzetsel om de boel weer aan elkaar te krijgen. Ze stikt op de naaimachine de gaten in de slopen van haar schoonmoeder net zo lang heen en weer tot de boel gestopt is, maar o wat doet ze dat lelijk. Het doet pijn aan onze ogen. Ze heeft nooit geleerd hoe ze haar linnengoed moet verstellen en stoppen.
Stalenboeken voor huishoudtextiel met versleten stofdoek van de barones.
Stalenboeken voor huishoudtextiel met versleten stofdoek van de barones.
Het linnengoed vertelt een verhaal
Dat we dit totaal versleten linnen nu kunnen zien, is te danken aan de zorgvuldigheid van haar nicht. Deze zag de ‘schoonheid’ en het verhaal over de noodzakelijke zuinigheid die niet alleen gewone mensen treft, maar ook in adellijke kringen heerste. Ze bewaarde het na de dood van Jaap en Odette en gaf het meer dan twintig jaar geleden aan Sanny de Zoete, want zij verzamelt niet alleen het mooie linnengoed van welgestelde families, maar ook kapot en versleten huishoudtextiel van rijk en arm. De tentoonstelling wordt om dit versleten linnengoed gebouwd door in stalenboeken te laten zien hoe het linnen er uitzag toen het nog nieuw was. Door stop- en verstellappen toe te voegen, want: zo heurt het wel! Wilhelmina’s linnenuitzet uit 1901 was van een prachtige kwaliteit linnen en zal zeker meer gekost hebben dan het jaarloon van f 425,00 dat sigarenmaker Leendert Kos verdiende, die in 1900 in het wevershuis woonde.
Interieur van het Wevershuis.
Interieur van het Wevershuis.
In Museum Het Leids Wevershuis wordt nooit de pronkzucht van de rijken verteld. Hier is de geschiedenis van de armen zichtbaar; in de muren zitten scheuren, achter het behang komt de jute onderlaag tevoorschijn, in het gangetje en de voorkamer is het ijzig koud. Uit de enige kraan in het huis komt alleen koud water. In dit huis zullen vroeger ook de lakens versteld zijn, de handdoeken gestopt. Maar ze bleven niet bewaard. Dit wevershuis, waar weefsters nog elke dag weven, vormt met haar authentieke uitstraling, een ultiem decor voor deze bijzondere expositie. Hier ontmoeten armoede en zuinigheid elkaar en vertellen samen het verhaal van een tijd waarin linnengoed, onze derde huid, een belangrijke plaats in het leven van arm en rijk innam.
Openingstijden
Dinsdag t/m zondag 13.00 – 16.00 uur
Rondleidingen
Op vrijdag 25, zaterdag 26 mei en vrijdag 22 en zaterdag 23 juni van 11.00 -12.00 uur verzorgt Sanne de Zoete rondleidingen met de uitleg en bijzondere verhalen rond het tentoongestelde linnengoed. Een rondleiding kost € 7,50 per persoon, inschrijven kunt u hier.

Alle hier afgebeelde foto’s: Collectie Sanny de Zoete, Delft. Bovenste foto: Verschillende merken ‘SOB’ van de linnenuitzet van Wilhelmina Cornelia barones Schimmelpenninck van der Oye uit 1901.

Deel dit artikel
FacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailFacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailby feather

Tetraëder – weven en splitsvlechten

Werk van Marijk Dekkers.

Triotentoonstelling in splitsvlechten en weven

In Museum het Leids Wevershuis is tot 29 april een tentoonstelling te zien van werkstukken uitgevoerd in splitsvlechten en weven, gemaakt door Marijk Dekkers, Annie Lavrijssen en Marina L. van Dobben de Bruyn.

Weven is de gemeenschappelijke basis van deze drie kunstenaars, maar elk ontwikkelde en specialiseerde zich in een eigen richting. Splitsvlechten (ply split braiding) is een techniek om met koord patronen te vlechten. Annie Lavrijssen creëert monumentale textiele kunst, Marijk Dekkers vlecht manden in genoemde splitsvlechttechniek en Marina van Dobben de Bruyn maakt geometrische dubbelweefsels.
Aardlagen door Annie Lavrijssen, dubbel corduroy-techniek, tweeluik (2 x 80 x 60 cm), gemaakt van aan repen geknipte restantlapjes.
Aardlagen door Annie Lavrijssen, dubbel corduroy-techniek, tweeluik (2 x 80 x 60 cm), gemaakt van aan repen geknipte restantlapjes.
Annie Lavrijssen-de Haan
Spinnenweb door Annie Lavrijssen, geweven op een zelf getimmerd raam, circa 3,5 m breed, gemaakt van scheringresten van een tapijtfabriek.
Spinnenweb door Annie Lavrijssen, geweven op een zelf getimmerd raam, circa 3,5 m breed, gemaakt van scheringresten van een tapijtfabriek.
Annie Lavrijssen volgde de open weefopleiding bij ‘de Werkschuit’ te Gouda, diverse workshops en de HBO-opleiding monumentale kunst te Arendonk, waarin zij in de hoogste graad afstudeerde. Haar huis in Etten-Leur ademt textielkunst uit en zij is in de stille uren altijd te vinden in haar atelier, achter haar weefgetouw of buiten bij het verfbad.
Lavrijssen is actief bij weefkring Foudia, textielgroep Kameleon, kunstgroep de Bikkels en Tetraëder. Met deze groepen worden onderling de werkstukken en technieken besproken en exposities gehouden. Haar creaties bevatten diverse technieken. Bij de wand- en vloerkleden is de techniek ‘dubbel corduroy’ toegepast en bij de raambekleding de techniek ‘Ausbrenner’. Zij streeft er altijd naar gebruikte materialen te verwerken. Veel van haar werk bestaat uit toegepaste textielkunst.
Werk van Marijk Dekkers, hoogte 32 cm, materiaal breikatoen 8/4.
Werk van Marijk Dekkers, hoogte 32 cm, materiaal breikatoen 8/4.
Marijk Dekkers
Marijk Dekkers (website) volgde de NS-opleiding (voor kunstnaaldwerk en handwerktechnieken) en diverse bijscholingen voor onder andere weven, spinnen en splitsvlechten (ply-split braiding). Zij gaf jarenlang weeflessen door heel Nederland en schreef diverse artikelen in het blad Weven.
Sinds 2004 vlecht zij objecten in de splitsvlechttechniek. In plaats van gewoon vlechten, waarbij materialen over en onder elkaar gaan, worden bij splitsvlechten koorden door elkaar getrokken, waardoor meer samenhang in de werkstukken ontstaat.
Dekkers noemt haar objecten ‘Ruimte voor gedachten’. De rode draad in haar werken is een onzichtbaar vervolgverhaal, als gevolg van de weerkerende vraag ‘Wat als…?’ Daaruit ontstaan ideeën voor nieuwe vormen, ordeningen, kleurencombinaties, structuren en garens.
Marina L. van Dobben de Bruyn, 'Zwart/wit 1', dubbelweefsel.
Marina L. van Dobben de Bruyn, ‘Zwart/wit 1’, dubbelweefsel.
Marina L. van Dobben de Bruyn.
Marina L. van Dobben de Bruyn.
Marina L. van Dobben de Bruyn
De kleurrijke dubbelweefsels van Marina van Dobben de Bruyn (website) worden gekenmerkt door hun grote dieptewerking. Deze ontstond tot nu toe door zowel haar vormen als kleurgebruik. Haar nieuwe uitdaging is om dit ook in zwart en wit te bereiken. Ze wordt daarbij geholpen door haar bouwkundige achtergrond aangevuld in de 90er jaren door de driejarige Open Weefopleiding in Gouda o.l.v. Marijke Dekkers.
Op deze expositie hangen een hele serie nieuwe weefsels die uit een zwarte en een witte laag bestaan die met elkaar vervlochten zijn. Af en toe kan ze het toch niet laten om daar ook kleur aan toe te voegen, maar ze blijft haar abstracte vormentaal gebruiken met af en toe een vleugje herkenbaarheid.
Naast haar weefsels heeft Van Dobben de Bruyn ook veel geëxposeerd met haar foto’s waarbij abstractie en vergankelijkheid een thema zijn. Ook haar unieke genummerde halssieraden van gerecycled glas en brons met oude handelskralen en halfedelstenen vormen veel aftrek. Deze zijn niet op de expositie aanwezig, maar na een telefoontje bent u altijd welkom in haar atelier.
Marina L. van Dobben de Bruyn, 'Glas in lood', dubbelweefsel.
Marina L. van Dobben de Bruyn, ‘Glas in lood’, dubbelweefsel.
Openingstijden
Dinsdag t/m zondag 13.00 – 16.00 uur
Tijdens de expositie zal elk weekend één van de kunstenaars aanwezig zijn.

Bovenste foto: Werk van Marijk Dekkers, hoogte 22 cm, materiaal Nm 34/2 katoen en lurex.

Werk van Marijk Dekkers, hoogte 14 cm, materiaal Nm 34/2 katoen.
Werk van Marijk Dekkers, hoogte 14 cm, materiaal Nm 34/2 katoen.
Marina L. van Dobben de Bruyn, 'Verstedelijking', dubbelweefsel.
Marina L. van Dobben de Bruyn, ‘Verstedelijking’, dubbelweefsel.
Deel dit artikel
FacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailFacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailby feather

In het licht van de Godin

Waternimph - Dit werk is volledig opgebouwd met Sorbellosteken (een bepaalde borduursteek) van verschillende grootte en met verschillende garens. De 'Nimph' is een hoofdje van gips, de ronde schijf rechts is foam. Het geheel is bevestigd op gaas waarmee papier is geschept.

Wandkleden in gemengde textieltechnieken van Joke Hardenbol

In Museum het Leids Wevershuis is tot 10 maart een tentoonstelling te zien van kleurrijke wandkleden van Joke Hardenbol (1958), uitgevoerd in verschillende technieken. De titel van de tentoonstelling verwijst naar een terugkerend thema bij haar werken: de godin.

Crone - Crone is de naam die de Engelsen hebben voor een oudere wijze vrouw. In de godinnencultuur wordt een vrouwenleven in drie fasen ingedeeld: meisje-moeder-Crone. De achtergrond is fabric paper waarop kralen zijn geborduurd en de onderdelen bevestigd. Het hoofdje is van gips en voor de kraal en bloem zijn foam en Tyvek gebruikt.
Crone Crone is de naam die de Engelsen hebben voor een oudere wijze vrouw. In de godinnencultuur wordt een vrouwenleven in drie fasen ingedeeld: meisje-moeder-Crone. De achtergrond is fabric paper waarop kralen zijn geborduurd en de onderdelen bevestigd. Het hoofdje is van gips en voor de kraal en bloem zijn foam en Tyvek gebruikt.
De reden dat zij licht wil werpen op de godin is dat zij vrouwen ervan bewust wil maken dat goden niet altijd mannen zijn geweest. Lang voor het christendom werden overal ter wereld godinnen aanbeden en waren in het dagelijkse leven ook de vrouwen vaak de baas. In onze huidige tijd is het enige vrouwelijke overblijfsel Maria, die bij katholieken nog wel een redelijk belangrijke functie heeft als de moeder van Jezus.
Kunst als ondersteuning van bewustwording
In onze huidige tijd zijn vrouwen weer bezig grip op hun eigen leven te krijgen en krijgen ze ook weer meer te zeggen in de maatschappij. Dat is een goede ontwikkeling. De positie van mannen en vrouwen is nog steeds niet gelijkwaardig, maar zij wil daartoe een kleine bijdrage leveren door vrouwen bewust te maken van het feit dat het niet altijd zo geweest is dat mannen de wereld regeerden.
Joke Hardenbol aan het werk in haar atelier.
Joke Hardenbol aan het werk in haar atelier.
In eerste instantie waren Griekse en Egyptische godinnen haar inspiratie, maar na het lezen van het boek van Ineke Bergman, ‘Godinnen van eigen bodem’, waarin een aantal Nederlandse godinnen wordt toegelicht, is Nehalennia – een Zeeuwse godin van Romeinse oorsprong – één van haar favorieten.
Mixed media
Het werk van Hardenbol is heel divers en varieert van objecten aan de muur tot kunstenaarsboeken, sieraden, schalen en objecten van papier-maché. Zij werkt ook veel met materialen die in Nederland vrij onbekend zijn. Tyvek is zo’n materiaal; het vervormt bij verwarming. Fabric paper is een ander voorbeeld van een ongebruikelijke manier van werken met papier. Gelli printen (afdrukken maken met behulp van een gelatineplaat) is een van haar favoriete manieren om papier en textiel te kleuren. Het gebruik van deze technieken in combinatie met textiel en papier leidt tot verrassende objecten.
Bleu Silence - Deze is samengesteld uit verschillende materialen die samen in een verfbad zijn gegaan waardoor kleurnuances ontstonden. De lap is doorgeknipt, weer aan elkaar 'geborduurd' en vervolgens zijn er decoratieve elementen aangebracht van foam en Tyvek.
Bleu Silence
Deze is samengesteld uit verschillende materialen die samen in een verfbad zijn gegaan waardoor kleurnuances ontstonden. De lap is doorgeknipt, weer aan elkaar ‘geborduurd’ en vervolgens zijn er decoratieve elementen aangebracht van foam en Tyvek.
Zij werkt intuïtief en als zij met een nieuw werk begint weet zij meestal alleen met welke kleur of welke techniek zij wil beginnen. De rest volgt al werkend. Er komt telkens een kleur of techniek bij of verdwijnt juist weer. Zo bouwt zij laag over laag, meestal met gebruik van veel verschillende technieken, haar werk op. Hardenbol zegt: ‘het creëren van kunst maakt mij blij en gelukkig en ik hoop dat die blijdschap en dat geluksgevoel overgebracht wordt op de toeschouwer en op degenen die mijn workshops volgen.’
Collega’s die haar inspireren zijn de Amerikaanse Sherril Kahn en de Engelse Kim Thittichai. Hardenbol is actief lid van Steekplus (een landelijke vereniging van kunstenaars die werken met textiel). Zij woont in Dordrecht.
Joke Hardenbol ontmoeten?
Tijdens de tentoonstelling is Joke Hardenbol op de volgende dagen aanwezig om een nadere toelichting op haar werk te geven: 21 en 31 januari, 11, 25 en 28 februari en 11 maart.
Openingstijden
Dinsdag t/m zondag 13.00 – 16.00 uur

Bovenste foto: Waternimph
Dit werk is volledig opgebouwd met Sorbellosteken (een bepaalde borduursteek) van verschillende grootte en met verschillende garens. De ‘Nimph’ is een hoofdje van gips, de ronde schijf rechts is foam. Het geheel is bevestigd op gaas waarmee papier is geschept.

 

Nehalennia - Nehalennia is een godin die vooral in Zeeland werd vereerd. Zij is de godin van de vissers en de zeelui en de overgang (ook van hier naar het hiernamaals). Het groene licht dat boven de Schelde hangt door de soort alg die daar groeit is haar symbool. Vandaar de kleuren blauw voor water en groen voor het licht. De lap is opgebouwd uit borduursteken op wateroplosbaar vlies die vervolgens zijn gepunched tot een samenhangende lap. Een laag organza is erop gepunched en vervolgens weer het gipsen hoofd en een maan van foam (symbool van de godin).
Nehalennia.
Nehalennia is een godin die vooral in Zeeland werd vereerd. Zij is de godin van de vissers en de zeelui en de overgang (ook van hier naar het hiernamaals). Het groene licht dat boven de Schelde hangt door de soort alg die daar groeit is haar symbool. Vandaar de kleuren blauw voor water en groen voor het licht.
De lap is opgebouwd uit borduursteken op wateroplosbaar vlies die vervolgens zijn gepunched tot een samenhangende lap. Een laag organza is erop gepunched en vervolgens weer het gipsen hoofd en een maan van foam (symbool van de godin).

Vuur - Deze lap is op dezelfde manier gemaakt als de Nehalennia hierboven, maar zonder organza.

Vuur
Deze lap is op dezelfde manier gemaakt als de Nehalennia hierboven, maar zonder organza.- Hier is sneeuwgeverfde kaasdoek vervilt met wol en met de hand geborduurd. Sommige borduursteken zijn gepunched om op te gaan in de achtergrond. De uitstekende punten verbeelden de 'zoektocht' van de kunstenares.

Zoektocht naar de godin
Hier is sneeuwgeverfde kaasdoek vervilt met wol en met de hand geborduurd. Sommige borduursteken zijn gepunched om op te gaan in de achtergrond. De uitstekende punten verbeelden de ‘zoektocht’ van de kunstenares.

Deel dit artikel
FacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailFacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailby feather