Archives

Tradities & dromen, kimono’s uit de Kubota Collectie

Kimono door Itchiku Kubota.

In het kader van de festiviteiten rond 150 jaar diplomatieke relaties tussen België en Japan toont het ModeMuseum Antwerpen een collectie kimono’s door de Japanse meester Itchiku Kubota in de 20ste eeuw gemaakt volgens een 16de-eeuwse techniek.

Kimono uit de Symphony of Light-serie door Itchiku Kubota.
Kimono uit de Symphony of Light-serie door Itchiku Kubota.
Tsujigahana stijl
1937, Itchiku Kubota, een jonge Japanse kunstenaar, ziet in het Tokyo National Museum de overblijfselen van een kimono uit de 16e eeuw, uitgevoerd in de zogenaamde Tsujigahana stijl. De brede waaier aan textieltechnieken – waaronder schilderen, tekenen, borduren en verven – die werden toegepast op de unieke kimono’s is op dat moment een uitgestorven kunstvorm in Japan. Kubota verdiept zich in de geheimen van Tsujigahana, een stijl uit de 14de tot 17de eeuw, en introduceert de stijl geleidelijk in de moderne kimono.
Hij geeft zijn eigen invulling aan eeuwenoude concepten en creëert oogverblindende reeksen van zijden kimono’s, die door hem rijkelijk worden bewerkt met traditionele Japanse technieken. Hij introduceert als eerste het concept waarin een uitgestrekt landschap op een aaneenschakeling van kimono’s wordt gecreëerd. Elke kimono kan beschouwd worden als een afzonderlijk kledingstuk, of als een deel van het geheel.
Dat deze kimono’s eigenlijk meer kunstwerken zijn en te kostbaar zijn om te dragen mag wel duidelijk zijn. Minstens veertig verfbaden, driehonderd kleuren en een heel jaar handwerk waren nodig voor de productie van één Kubota- kimono.
Itchiku Kubota werkend aan een kimono.
Itchiku Kubota werkend aan een kimono.
Vele toepassingen van een kimono
De kimono, de nationale klederdracht van Japan, bestaat uit twee rechthoekige stukken stof die aan elkaar worden genaaid. Een kimono wordt gedragen als dagelijkse outfit, modestatement of ritueel gewaad, maar kan evengoed als kunstwerk worden tentoongesteld in een particuliere woning. Daarmee is een kimono veel meer dan ‘een ding om te dragen’, de letterlijke betekenis van het woord kimono.
Kimono met een afbeelding van een landschap.
Kimono met een afbeelding van een landschap.
Akiko Fukai, curator emeritus uit het Kyoto Costume Institute, onderstreept het verschil tussen de Japanse en westerse mode. Een westerse snit benadrukt meestal de vorm en welving van het lichaam, terwijl traditionele Japanse kleding – zoals de kimono – de focus verlegt van de taille naar de schouders en meer ruimte (‘ma’ in het Japans) laat tussen het lichaam en het kledingstuk.
De selectie in de galerij van het MoMu presenteert zes kimono’s uit Kubota’s onvoltooide reeks Symphony of Light, samen met twee kimono’s uit zijn reeks Mount Fuji. Elk stuk is voor het eerst te bewonderen in België. Kubota (1917-2003) was al een zeventiger toen zijn idee voor Symphony of Light begon te rijpen, en de reeks was niet voltooid bij zijn overlijden. Deze kimono’s zijn een krachtig statement van concepten die door de jaren heen werden ontwikkeld en verfijnd. Zoals elk meesterstuk in de wereld van textiel weten ze de aandacht te vangen met een sterk beeld, om de toeschouwer vervolgens mee te nemen op een ontdekkingsreis langs minuscule geborduurde of geschilderde elementen en tie-en-dye-effecten die de verschillende texturen van de geweven zijde tot leven brengen.
Eerder was in 2015 in het Siebolthuis in Leiden een tentoonstelling van kimono’s van Kubota te zien.
Openingstijden
Dinsdag t/m zondag 10.00 – 18.00 uur
Op deze foto is goed te zien hoe een afbeelding over diverse kimono's is afgebeeld.
Op deze foto is goed te zien hoe een afbeelding over diverse kimono’s is afgebeeld.
Nog twee kimono's van Itchiku Kubota.
Nog twee kimono’s van Itchiku Kubota.
Detail van een kimono van Itchiku Kubota.
Detail van een kimono van Itchiku Kubota.
Deel dit artikel
FacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailFacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailby feather

Fiber Futures – Kunst uit Japan

Textielmuseum - Fiber Futures
Dit najaar presenteert het TextielMuseum het werk van een dertigtal Japanse kunstenaars, waaronder gevestigde namen als Jun’ichi Arai, Naomi Kobayashi en Reiko Sudō. De tentoonstelling geeft een gevarieerd beeld van de hedendaagse Japanse fiber scene. Een ingetogen, maar af en toe ook uitbundige mix van werken aan de muur, monumentale installaties, sculpturen en zelfs video en architectuur. Uit de werken spreekt respect voor eeuwenlang gekoesterde ambachtelijke technieken en materialen, maar ook een open houding ten opzichte van nieuwe ontwikkelingen. Alle kunstenaars in de tentoonstelling maken gebruik van flexibele materialen zoals zijde, washi papier, jute, hennep, staaldraad, synthetische vezels en zelfs gerecyclede zijdecocons.
Traditie & vernieuwing
Zoals het Japanse gezegde oshime kara uchū kaihatsu made – van luiers tot de ‘Space Age’ – zo mooi illustreert: textiel voorziet in de meest basale menselijke behoeftes, maar wordt ook gebruikt voor technische ontwikkelingen zoals de ruimtevaart. ‘Fiber Futures’ telt vele eyecatchers, zoals de schitterende goudkleurige gordijnen van Jun’ichi Arai. De combinatie van oude tradities met nieuwe technieken en materialen is terug te zien in al zijn werk.
De brandwerende gordijnen ontwikkelde hij met speciale garens, waarop ultradunne coatings, waaronder aluminium, zijn aangebracht. Deze lagen worden plaatselijk weggesmolten zodat een glanzend oppervlakte ontstaat.

goudkleurige gordijnen van Jun’ichi Arai

Lang niet alle werken in de tentoonstelling zijn zo hightech. De luchtige W-Orbit van Akio Hamatani heeft een simpel principe als uitgangspunt. Talloze draden van dezelfde lengte zijn aan een rond frame van vier meter doorsnee gehangen. Door de variërende afstand ontstaat een indrukwekkende W-vorm. Het indigoblauw in dit werk refereert weer aan de traditie, net zoals de frêle ‘halo’ van Japans papier met rode stempels en een kamerscherm opgebouwd uit oude Japanse kranten. Uit de duizenden zigzagsteken, gevouwen objecten en plooien in de tentoonstelling spreekt een fascinatie voor ambacht, handwerk en herhaling. In veel van de werken is de natuur als inspiratiebron terug te zien, van een stenenlandschap tot vormen die doen denken aan onderwaterwerelden en woekerende jungles. Daarnaast komen meer poëtische thema’s zoals vergankelijkheid en het verstrijken van tijd aan bod in deze gevarieerde presentatie.

Textielmuseum - W-Orbit van Akio Hamatani

Internationale allure
De tentoonstelling heeft internationaal veel aandacht getrokken en was onder meer te zien in Tokyo (Tama Art University), New York (Japan Society Gallery), San Francisco (Museum of Craft and Folk Art), Helsinki (Design Museum) en Parijs (Maison de la Culture du Japon). Fiber Futures is georganiseerd door International Textile Network Japan in samenwerking met Tama Art University (Tokyo) , onder leiding van Hiroko Watanabe, kunstenaar, voorzitter van ITNJ en emeritus hoogleraar van Tama Art University.
Japan & het TextielMuseum
Met ingang van het najaar zal het TextielMuseum in het teken staan van Japan, het land van de rijzende zon. Naast de tentoonstelling worden er in deze periode verschillende activiteiten georganiseerd rond het thema Japan, zoals interessante inloopworkshops en masterclasses. De stalenkamer in de bibliotheek zal tevens het thema Japan uitstralen. Hier zijn prachtige voorbeelden van Japanse stoffen uit het einde van de 19e eeuw te bezichtigen. Daarnaast worden op de toonplanken boeken uitgelicht over Japanse textiel, zoals over de kunst van het inpakken (furoshiki) en Japanse tie-dye (shibori). De Textielshop verkoopt boeken en producten die aansluiten bij de tentoonstelling.
In ‘Fiber Futures | Kunst uit Japan’ wordt werk van de volgende kunstenaars gepresenteerd: Machiko Agano, Mitsuko Akutsu, Jun’ichi Arai, Tomoko Arakawa, Tetsuo Fujimoto, Dai Fujiwara, Akio Hamatani, Kyōko Ibe, Kiyomi Iwata, Yasuko Iyanaga, Naomi Kobayashi, Kinya Koyama, Shigeo Kubota, Kyōko Kumai, Akiko Kumazawa, Tetsuo Kusama, Hitomi Nagai, Emiko Nakano, Yuh Okano, Fuminori Ono, Kazuyo Onoyama, Rei Saitō, Hisako Sekijima, Naoko Serino, Reiko Sudō, Hideho Tanaka, Takaaki Tanaka, Misao Tsubaki, Hiroko Watanabe en Atsuko Yoshioka.
Deel dit artikel
FacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailFacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailby feather

De diverse Shibori-technieken nader toegelicht

Shibori is een verftechniek met een Japanse naam, die ook in een aantal andere landen wordt toegepast. Door bepaalde delen van de stof te ‘blokkeren’ voor de kleurstof, kan men bijzondere kleureffecten bereiken. In die zin lijkt het op het batik, maar terwijl bij batik delen van de stof met was worden afgedekt voor het verven, wordt bij Shibori de stof gevouwen, afgebonden of vastgenaaid om bepaalde delen voor de kleurstof onbereikbaar te houden. In dit artikel zullen we de diverse Shibori-technieken toelichten, met natuurlijk een paar voorbeelden erbij.

De Shibori-technieken worden in twee groepen verdeeld: de met naald en draad gecreëerde ontwerpen, een groep met een aantal onderverdelingen, en de overige, waarbij de stof voor het verven gevouwen, bij elkaar gebonden of geklemd wordt, zodat de verf de diepliggende delen niet bereikt.
Shibori met stikseltechnieken
Deze techniek wordt in Japan, Afrika en Indonesië gebruikt en heet aldaar respectievelijk nui shibori, adire alabere danwel tritik. De volgende gereedschappen zullen u hierbij behulpzaam zijn:
– (Transparante) liniaal
– Passer
– Papierschaar
– Markeerpen met wateroplosbare inkt
– Dunne, witte katoenen stof (om mee te beginnen, u kunt altijd later andere stoffen proberen)
– Sterk katoenen garen
– Naald, schaar en vingerhoed
Shibori met stikseltechnieken zijn onderverdeeld in de volgende soorten:
Mokume shibori
Mokume shiboriDit is een van de eenvoudigste shibori-technieken, een soort smokwerk, waarbij u de stof voor het verven plooit en de plooien vastnaait. Het effect dat u krijgt lijkt enigszins op een patroon van houtnerven. Het mooiste resultaat krijgt u wanneer u de parallelle rijen steekjes niet te dicht bij elkaar laat lopen, zodat u niet alleen een horizontaal patroon krijgt (met de plooien mee), maar ook verticaal, omdat op de plaats waar de steekjes zitten de verfstof het textiel moeilijker bereikt dan in de ruimte tussen de rijen steekjes.
Mokume shiboriVoor mokume shibori neemt u een stuk katoen, welke u aan één kant om de twee à drie cm markeert. Op deze plaats zet u de eerste steek met een knoop goed vast. Vervolgens naait u een rechte lijn steekjes naar de andere kant van de stof. Daar laat u een redelijk stuk draad over om straks de stof aan te kunnen trekken. U herhaalt dit over de hele stof totdat deze geheel is voorzien van rijen steekjes. Deze hoeven overigens niet al te regelmatig te zijn, want de charme van iedere vorm van shibori is nu juist het spontane en enigszins oncontroleerbare effect van de techniek. Vervolgens trekt u aan de losse draadeinden de plooien in de stof en knoopt u het uiteinde vast. U kunt vervolgens de stof naar eigen voorkeur verven. Nadien haalt u de draden eruit en heeft u een stuk mokume shibori.
Karamatsu shibori
Karamatsu shiboriKaramatsu betekent lariks en het met deze shibori-techniek verkregen patroon lijkt op de uitgestoken takken van de lariks. Bij deze techniek begint u met drie ronde mallen van karton te maken van respectievelijk 5, 3,5 en 2 cm diameter. Op de stof markeert u om de 5 cm een rechte vouwlijn. Leg de grootste mal op de vouwlijn en markeer een halve cirkel. Vervolgens legt u in deze halve cirkel de kleinere mal en markeert weer een halve cirkel en hetzelfde doet u met de kleinste mal. Herhaal dit langs dezelfde vouwlijn, iedere grootste cirkel 2-3 cm vanaf de vorige. Vervolgens doet u hetzelfde op de volgende vouwlijn, maar dan de cirkels om-en-om verspringend met die van de vorige rij (het hart van de cirkel ligt tegenover de ruimte tussen twee cirkels op de vorige lijn). Ga zo door tot de hele stof bedekt is.
Karamatsu shibori, boven afgebonden, onder het resultaatVervolgens vouwt u de stof langs de eerste lijn. Neem een dubbele draad in de naald, maak een knoop bij de eerste steek en maak een rij steken over de grootste halve cirkel. Laat een stukje draad vrij, maar vervolg daarna met dezelfde draad op de volgende cirkel de steken en zo verder totdat u aan het andere eind van de stof bent, waar u zo’n 10 cm draad over dient te houden. Herhaal dit bij de volgende rijen halve cirkels, maar kijk uit dat u niet de vorige rij aan de volgende vastnaait. Trek daarna de draden voorzichtig aan en zet het uiteinde van de draad goed vast. Vervolgens kunt u zoals gebruikelijk de stof verven en daarna de draden eruit halen om het resultaat te aanschouwen.
Ori-nui shibori
Ori-nui shiboriDit zijn lineaire patronen, waarmee u de stof een streep- of ruitdesign geeft. Een variant hierop is om de lijn niet recht, maar een beetje golvend te laten lopen, wat tatewaku heet. Markeer voor ori-nui shibori op een stuk stof elke 5 cm een rechte lijn. Vouw de stof over de eerste lijn en maak op de gebruikelijke wijze een rij steekjes dicht langs de vouw. Doe dit langs alle vouwen en trek vervolgens de draad aan en zet het uiteinde met een knoop goed vast. Na het verven, wassen en het verwijderen van de draden heeft u een ori-nui patroon.
Ori-nui shibori (gekruist patroon)Varianten hierop: maak kruisende rijen. Naai eerst alle horizontale lijnen en daarna alle verticale. Trek de draden in dezelfde volgorde aan. U heeft nu een soort ruitpatroon. Of teken, in plaats van rechte, enigszins golvende lijnen. U kunt hiervoor het beste een mal voor de golvende lijnen maken of een andere gebogen vorm gebruiken.
Maki-nui shibori
Maki-nui shiboriDeze techniek lijkt op Ori-nui shibori, maar hierbij maakt u geen rechte rij steken evenwijdig aan de vouw, maar haalt u de draad telkens, onder een schuine hoek, om de vouw heen. U krijgt zo een kepervormig patroon. Deze techniek wordt ook veel in Afrika gebruikt, soms met een variant waarbij een ruitpatroon wordt gevormd met in de ruiten weer een kruis.
Maki-age shibori
Maki-age shiboriDeze techniek is een buitenbeentje, want een combinatie van zowel genaaid als afgebonden shibori. U begint met het markeren van een aantal bladvormen op de stof. U naait steekjes langs de bladrand en trekt daarna de draad goed aan en knoopt deze vast. De stof binnen het stiksel steekt nu omhoog. Deze stof omwikkelt u met een draad, al dan niet door de draad er spiraalsgewijs of kruiselings er omheen te wikkelen. De draad zet u hierna vast met een knoop. Daarna verft u de stof. Experimenteert u eens met verschillende vormen en beide manieren van afbinden, om de verschillen te zien.
Andere shibori-technieken
Dit zijn dus technieken waarbij geen naald te pas komt, maar waarbij het effect verkregen wordt door afbinden, persen en vouwen van de stof.
Arashi shibori
Arashi shibori om een paal gebondenBij arashi shibori wordt de stof om een paal heen gewikkeld. Oorspronkelijk was dit een hol stuk bamboe, tegenwoordig gebruikt men meestal een stuk regenpijp van de bouwmarkt, dat hetzelfde effect geeft. Het formaat is meestal zo’n 10 cm doorsnee met een lengte tussen de 50 en 100 cm.
Kimono van arashi shiboriKnip een strook stof van ongeveer 20 cm breedte en wikkel deze diagonaal om de buis heen, zonder dat de stof over elkaar heen komt. Plak al doende de stof vast met afplaktape, zodat deze blijft zitten. Wikkel vervolgens een draad om de stof, in tegengestelde richting ervan en met een regelmatige afstand van elkaar. Terwijl u hiermee bezig bent haalt u de overbodig geworden stukjes tape weg. Werk dit af tot het einde van de stof en knoop vervolgens de draad vast. Verf de stof op de buis in een staand verfbad. Haal daarna de draad voorzichtig van de buis. Was en laat de stof vervolgens drogen. U heeft nu een patroon verkregen met diagonale strepen.
Itajime shibori
Itajime shiboriBij itajime shibori wordt de stof eerst in stroken, vervolgens in vierkanten of driehoeken gevouwen en daarna tussen twee plankjes geklemd. Doordat de stof strak tussen twee planken geklemd zit, dringt de verf alleen bij de zijkanten van het gevouwen stuk stof binnen.
Neem een stuk stof en vouw dit harmonicagewijs in gelijke stroken. Vervolgens kunt u, a. de stof zigzaggend vouwen tot een vierkante stapel of, b. een uiteinde omvouwen tot een driehoek en zo, eveneens zigzagsgewijs, verder gaan tot u een driehoekige stapel hebt. Deze stapel klemt u nu tussen twee plankjes die u met draad of een klem tegen elkaar klemt. Hoe strakker u de plankjes tegen elkaar klemt, des te minder diep dringt de verf in de stof. Verf vervolgens de stof. Hierna dient u de stof weer voorzichtig uit te vouwen en daarna bij voorkeur liggend te drogen, zodat de verf niet uitloopt. U hebt nu een patroon van vier- of achtkantjes gekregen.

Video van Laura Myriam Biran waarin de diverse Shibori-technieken worden getoond.

Tesuji shibori
Bij deze techniek plooit u de stof zigzagsgewijs, waarna u de verkregen langwerpige stapel omwind met draad. Dit kunt u, al naar gelang het gewenste effect, losjes doen met een paar aparte draadjes of dichter over de hele lengte met één lange draad. Vervolgens verft u het geheel. U krijgt een gestreept patroon.

Tesuji shibori

Dit zijn de belangrijkste shibori-technieken. Op iedere techniek zijn complexere variaties te bedenken en er zijn nog meer technieken. Toch kunt u hiermee aardig vooruit. Aarzelt u vooral niet te experimenteren, want zo doet u de interessantste ontdekkingen. Probeer het niet te mooi of te precies te doen, want juist in de speelse toepassing van de shibori-techniek vindt u de grootste charme.

Deel dit artikel
FacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailFacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailby feather