Archives

Chris Lebeau – Flora & Fauna

Tafelkleed met rozet-ornament van vissen met platen uit J.H. Boot, Het styleeren en toepassen van natuurvormen in vlakornament. Ontwerp van Chris Lebeau uit 1904 - foto Josefina Eikenaar.

Ontwerpen van damast en meubelstoffen in art nouveau-stijl

Van pauwen tot ibissen, van paardenbloem tot esdoorn: in de tentoonstelling ‘Chris Lebeau – Flora en Fauna’ beleeft u de planten- en dierenwereld zoals sierkunstenaar Chris Lebeau (1878-1945) deze nauwkeurig naar zijn hand zet. Met de natuur als inspiratiebron ontwerpt hij fraaie en vernieuwende patronen voor damast, batik en trijp in de stijl van de art nouveau. Om te illustreren hoe de ontwerper leert om natuurvormen te stileren en als ‘vlakornament’ weer te geven, zijn historische voorbeeldboeken gepresenteerd. De veelzijdigheid van Lebeau als ‘textielkunstenaar’ staat in de tentoonstelling in de DamastWeverij van het Textielmuseum centraal.

Chris Lebeau, zelfportret uit 1933.
Chris Lebeau, zelfportret uit 1933.
Natuur als inspiratiebron
Aan het begin van de twintigste eeuw is de natuur de belangrijkste inspiratiebron voor sier- en nijverheidskunstenaars in Nederland. Uit onvrede met de slechte kwaliteit van industrieel gemaakte producten vindt er internationaal een vernieuwing plaats binnen het vakgebied.
Het navolgen van historische (neo)stijlen en het tekenen naar modellen en voorbeeldboeken maakt plaats voor het ontwerpen van vlakornamenten: motieven worden teruggebracht tot een simpel lijnenspel. Internationaal ontstaat een stijl die wordt aangeduid met art nouveau of jugendstil.
Ook op teken- en nijverheidsopleidingen wordt het roer omgegooid. In 1904 gaat Chris Lebeau, in Amsterdam opgeleid, lesgeven op de Haarlemse Kunstnijverheidsschool. Hij trekt met zijn leerlingen de duinen in en bezoekt dierentuin Artis. Het ‘natuurtekenen’ wordt steeds gangbaarder op de opleidingen. De echte plant wordt bestudeerd vanuit verschillende hoeken; de gekozen bloem of bladeren worden in een passende meetkundige vorm gevat en als vlakornamenten gestileerd.
Tafellaken ‘Zwaantje’ (dessinnr. 521) door Chris Lebeau, geweven door E.J.F. van Dissel & Zn., Eindhoven in 1906 - foto Joep Vogels.
Tafellaken ‘Zwaantje’ (dessinnr. 521) door Chris Lebeau, geweven door E.J.F. van Dissel & Zn., Eindhoven in 1906 – foto Joep Vogels.
Ontwerpen ‘op systeem’
Anders dan de zwierige art nouveau stijl die vooral bij onze zuiderburen in trek is, ontstaat in Nederland een soberder stijl. Kenmerkend is een geometrische vlakverdeling en strakke opbouw. Wiskundige ontwerpmethoden liggen eraan ten grondslag. Deze methodiek wordt ontwerpen ‘op systeem’ genoemd. Lebeau tekent doorgaans voor zijn ontwerpen eerst een raster. Daarna werkt hij hier gestileerde flora- en faunamotieven op uit. Bij zijn damasten herschikt hij voor tafellaken, servet of vingerdoekje telkens de basisvormen, aangepast aan het formaat.
Tafellaken en vingerdoekje ‘Klimop’ (dessin 513) met platen uit A. A. Tekelenburg, Handleiding bij het ontwerpen van motieven naar plantvormen. Ontwerp Chris Lebeau, uitvoering E.J.F. van Dissel & Zn., Eindhoven (damast), 1910 - foto Josefina Eikenaar.
Tafellaken en vingerdoekje ‘Klimop’ (dessin 513) met platen uit A. A. Tekelenburg, Handleiding bij het ontwerpen van motieven naar plantvormen. Ontwerp Chris Lebeau, uitvoering E.J.F. van Dissel & Zn., Eindhoven (damast), 1910 – foto Josefina Eikenaar.
Samenwerkingen met textielfabrikanten
Lebeaus technieken en tekeningen vallen in de smaak bij textielbedrijven, zoals linnenfabrikant Van Dissel en de trijpfabrikanten Schellens & Marto en Léo Schellens, allen in Eindhoven gevestigd. De glanzende trijpen (mohair velours) meubelbekleding wordt met zijn bloem- en diermotieven bedrukt.
De samenwerking met Van Dissel resulteert in bijna zestig ontwerpen voor tafeldamast, die in een periode van bijna vier decennia zijn uitgebracht. Ook is hij een meester in het batikprocédé, een techniek waarin hij een grote hoeveelheid werken heeft gemaakt.
Tweede Wereldoorlog
Tijdens de Duitse bezetting van Nederland gebruikte Lebeau zijn vakkennis voor het vervalsen van documenten ten behoeve van onderduikers. In november 1943 werd hij gearresteerd wegens hulp aan Joodse Nederlanders. Hij kon in vrijheid komen als hij zou beloven geen illegaal werk meer te verrichten. Dat aanbod wees hij af. Uiteindelijk overleed hij door uitputting in concentratiekamp Dachau, vijf dagen voor het eind van de Tweede Wereldoorlog.
Servet ‘Pauw’ (dessinnr. 526) met kopje, schotel en bord met pauwen (eierschaalporselein) van Samuel Schellink (1912). Damast door E.J.F. van Dissel & Zn., Eindhoven uit 1908 - foto Josefina Eikenaar.
Servet ‘Pauw’ (dessinnr. 526) met kopje, schotel en bord met pauwen (eierschaalporselein) van Samuel Schellink (1912). Damast door E.J.F. van Dissel & Zn., Eindhoven uit 1908 – foto Josefina Eikenaar.
Tafellaken en servet ‘Ibis’ (dessinnr. 522) door Chris Lebeau, damast geweven door E.J.F. van Dissel & Zn., Eindhoven in 1908 - foto Joep Vogels.
Tafellaken en servet ‘Ibis’ (dessinnr. 522) door Chris Lebeau, damast geweven door E.J.F. van Dissel & Zn., Eindhoven in 1908 – foto Joep Vogels.
DamastWeverij
In dit deel van het Textielmuseum staan authentieke 19de-eeuwse jacquardgetouwen, waar vroeger het damast op werd geweven. Een film uit 1935 toont hoe dat gebeurde bij de NV Linnenfabrieken van Dissel & Zonen in Eindhoven. Zelfs Chris Lebeau is er op te zien, werkend aan één van zijn laatste ontwerpen, ‘Cyclamen’. Ook wapperen er oude en nieuwe damasten, die te drogen hangen na een grondige wasbeurt. In de DamastWasserij kunt u namelijk op verantwoorde wijze tafelgoed laten wassen en opmaken.
Uit de TextielShop
In 2016 gaf ‘by TextielMuseum’ Iris Toonen en Elske van Heeswijk van Studio Prelude de opdracht het klassieke linnengoed ‘Visschen’ (nr. 561) van sierkunstenaar Chris Lebeau (1878 – 1945) te herinterpreteren en een ontwerp te maken met nieuwe kleuren en materialen. Ze verdiepten zich in de verschillende bindingen en herontdekten op die manier het art nouveau dessin. Het resultaat zijn prachtige eigentijdse producten, waarin een echo van het verleden doorklinkt. Het tafelgoed is verkrijgbaar in de TextielShop van het museum.
Openingstijden
Dinsdag t/m vrijdag 10.00 – 17.00 uur
Zaterdag en zondag 12.00 – 17.00 uur

Bovenste foto: Tafelkleed met rozet-ornament van vissen met platen uit J.H. Boot, Het styleeren en toepassen van natuurvormen in vlakornament. Ontwerp van Chris Lebeau uit 1904 – foto Josefina Eikenaar.

Ontwerptekening en meubelstof ‘Fauna’, trijp geweven door Schellens & Marto, Eindhoven in 1930 - foto Tommy de Lange.
Ontwerptekening en meubelstof ‘Fauna’, trijp geweven door Schellens & Marto, Eindhoven in 1930 – foto Tommy de Lange.
Servet ‘Visschen’ (dessinnr. 561) met stalenboek, damast geweven door E.J.F. van Dissel & Zn., Eindhoven in 1926 - foto Joep Vogels.
Servet ‘Visschen’ (dessinnr. 561) met stalenboek, damast geweven door E.J.F. van Dissel & Zn., Eindhoven in 1926 – foto Joep Vogels.
Deel dit artikel
FacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailFacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailby feather

Nederlandse stoffen bepalen het West-Afrikaanse straatbeeld

Stoffen van Vlisco uit Helmond internationaal bekend als ‘Dutch wax fabrics’

Bij iedere opname van een West- of Centraal-Afrikaanse straat, plein of markt valt ons meteen de rijk gekleurde kleding in opvallende patronen op, die we al snel als ‘typisch Afrikaans’ kenmerken. De meeste mensen realiseren zich niet dat een groot deel van de kleurrijke stoffen, waar deze kleding van gemaakt is, afkomstig is van de Nederlandse producent Vlisco uit Helmond. Vlisco uit Helmond? Ja, alhoewel Vlisco in Nederland of Europa nauwelijks een markt heeft, kent iedereen in West- en Centraal-Afrika dit merk. Al tientallen jaren worden bij uitstek deze stoffen gebruikt om de sensationele Afrikaanse kleding te maken waar de kleuren vanaf spatten.

Read more… →

Deel dit artikel
FacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailFacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailby feather

Betoverend China

Vrouwen van de 100-birds-Miao in feestkleding, Wuji, Rongjiang - foto Wu Zeng Ou.

Kostuums, sieraden, gebruiksvoorwerpen en accessoires van de Miao en Dong

Van 13 november 2018 tot en met 27 januari 2019 is in Museum Rijswijk de tentoonstelling ‘Betoverend China’ te zien met voorwerpen uit de collectie van Mieke Gorter. Zij organiseert samen met haar touroperator en gids Wu Zeng Ou, zelf een Dong, al jaren culturele reizen naar het zuidwesten van China, waar de volkeren van de Miao en Dong leven. Overal waar zij komt gaat zij op zoek naar verborgen schatten. In de loop der jaren bouwde zij zo een prachtige collectie op van kostuums, sieraden, accessoires en gebruiksvoorwerpen.

Een Dong-vrouw kalandert een doek, dat eerst met indigo is geverfd, Si Zhai, Liping Country - foto Wu Zeng Ou.
Een Dong-vrouw kalandert een doek, dat eerst met indigo is geverfd, Si Zhai, Liping Country – foto Wu Zeng Ou.
Etnische minderheden in China
In het bergachtig zuidwesten, in de provincie Guizhou, wonen verschillende etnische minderheden. De Miao is een van de grootste groepen (9 miljoen mensen). Zij wonen verspreid over dit grote gebied met andere minderheden, zoals de Dong (3 miljoen). In totaal worden er in de Volksrepubliek China 56 etnische groepen erkend.
Long-horn Miao.
Long-horn Miao.
Miao
In de loop van de geschiedenis verspreidden de Miao zich over het zuiden China. In alle dorpen waar zij wonen dragen zij verschillende soorten kleding en versieringen. Er zijn ongeveer tweehonderd verschillende Miao kostuums. De Miao worden vaak vernoemd naar hun kleding. Zo zijn er bijvoorbeeld de Long-horn Miao, de Long-skirt Miao, de Red-embroidery Miao en de Tin-embroidery Miao.
De Miao komen ook voor in Vietnam, waar ze Meo worden genoemd, en in Laos, waar ze als Hmong worden aangeduid.

 

Long-skirt Miao.
Long-skirt Miao.
Dong
In tegenstelling tot de Miao, die veelal in de bergen wonen, vindt men de Dong dichtbij de rivieren in een gebied langs de grens van de Zuid-Chinese provincies Guangxi, Hunan en Guizhou. Zij staan bekend om de prachtige houten bruggen en torens. Ze worden beschouwd als de meest noordoostelijke van de Thai-volken en zij spreken dan ook een taal die verwant is aan het Thai. In het verleden zijn er nogal eens spanningen geweest tussen de Dong en de Han-Chinezen, die de meerderheid in China vormen. Inmiddels zijn er succesvol programma’s opgezet om de taal en cultuur van de Dong te behouden.
Chengyang Wind- en Regen-brug, een typisch voorbeeld van Dong-architectuur.
Chengyang Wind- en Regen-brug, een typisch voorbeeld van Dong-architectuur.
De Miao en de Dong vinden altijd wel een reden om feest te vieren – een huwelijk, geboorte of een huis dat ingewijd wordt – waarvoor ze hun mooiste kleding aantrekken. De vrouwen zijn zeer bedreven in verschillende handwerktechnieken, zoals weven, verven met natuurlijke indigo, batikken en borduren (daar zijn ze het meest bekend van). Hoofddeksels, kragen, jasjes, rokken, schorten en babydraagzakken, alles wordt uitbundig versierd met borduursels. De feestkleding wordt bekroond met uitbundige zilveren haarpinnen en halssieraden.
Openingstijden
Dinsdag t/m zondag van 11.00 – 17.00 uur

Bovenste foto: Vrouwen van de 100-birds-Miao in feestkleding, Wuji, Rongjiang – foto Wu Zeng Ou.

Video waarin wordt getoond hoe de Long-horn Miao hun typische hoofddracht creëren. 

Vrouwen van het Dong-volk in hun prachtige kostuums.
Vrouwen van het Dong-volk in hun prachtige kostuums.
Miao borduurwerk, Guizhou - foto Rachel Winslow, Smithsonian Institute.
Miao borduurwerk, Guizhou – foto Rachel Winslow, Smithsonian Institute.
Deel dit artikel
FacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailFacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailby feather

De Tijdelijke Textieldrukkerij

Tentoonstelling en textielwerkplaats over het bedrukken en verven van textiel

Oude textielambachten en de allernieuwste technieken voor het bedrukken en verven van textiel smelten samen in De Tijdelijke Textieldrukkerij, een tentoonstelling en een textielwerkplaats in één. In de tentoonstelling, die gaat over het verfraaien van textiel door middel van verven en bedrukken, worden in samenwerking met de Textiel Factorij Amsterdam ontwerpen van Nederlandse kunstenaars getoond. Daarnaast zijn prachtige objecten uit de textielcollectie van De Museumfabriek te zien.

Gestempeld textiel met inktstempels.
Gestempeld textiel met inktstempels.
Meedoen in De Makerspace
In de Makerspace, die geheel is ingericht als textielwerkplaats, kan iedereen – jong en oud, ervaren en onervaren – aan de slag met bijzondere verf- en druktechnieken. Het gevarieerde activiteitenprogramma nodigt uit om zelf te bedenken, te ontwerpen en te maken. De Museumfabriek biedt tevens een gevarieerd programma-aanbod met bijzondere workshops waarin deelnemers met ervaren textieldocenten aan de slag kunnen met de modernste mogelijkheden, maar ook met eeuwenoude technieken in workshops zoals stempelen, blokdruk, batik, Staphorster stipwerk en historische verf maken. Het complete workshopprogramma vindt u op de website van De Museumfabriek.
Stempels voor Staphorster stipwerk en het resultaat dat ermee bereikt wordt.
Stempels voor Staphorster stipwerk en het resultaat dat ermee bereikt wordt.
Verleden, heden en toekomst van textiel
In de tentoonstelling is nieuw werk te zien van tien bekende Nederlandse kunstenaars en ontwerpers. Zij namen deel aan het artistiek onderzoeksproject van de Textiel Factorij en reisden hiervoor af naar India, om samen te werken met Indiase ambachtslieden met wie ze de oude tradities en nieuwe technische mogelijkheden van textiel onderzochten. Er is werk te zien van Aliki van der Kruijs, Antonio Jose Guzman, Iva Jankovic, Anastasia Starostenko, Gerard Jasperse, Gerard van Oosten, Esther Jongsma, Ruud Lanfermeijer, Sujata Majumdar, Lieselot Versteeg, Saar Scheerlings, Marloeke van der Vlugt, Marlies Visser en Meeta Mastani.
Het Koningsdoek van koning Willem I, vervaardigd in 1830 als geschenk voor Indiase vorsten om de handelsrelatie tussen de twee landen te verstevigen.
Het Koningsdoek van koning Willem I, vervaardigd in 1830 als geschenk voor Indiase vorsten om de handelsrelatie tussen de twee landen te verstevigen.
De tentoonstelling toont daarnaast een prachtige selectie objecten uit de textielcollectie van De Museumfabriek. Ze vertellen een historisch verhaal, van de geschiedenis van het bedrukken van textiel tot aan de hypermoderne digitale druktechnieken van vandaag. Een van de topstukken in de tentoonstelling is het onlangs gerestaureerde Koningsdoek van Willem I dat vervaardigd is in 1830 als geschenk voor Indiase vorsten om de handelsrelatie tussen twee landen te verstevigen. Je bladert door het gedigitaliseerde dessinboek van Land & Van Marle, dat meer dan 3500 prachtige, op Indiase sits geïnspireerde dessins toont uit de periode 1813-1832.
In Het Textielarchief worden meer dan 10.000 textielstalen en dessinontwerpen uit de collectie van De Museumfabriek digitaal gepresenteerd. Bovendien wordt voor het eerst een verfboekje uit 1794, met historische verfrecepten, tentoongesteld.
Mata ni Pachedi, een kunstvorm waarbij met de bamboopen wordt geschilderd op doek.
Mata ni Pachedi, een kunstvorm waarbij met de bamboopen wordt geschilderd op doek.
De Textielfactorij
De Textiel Factorij is een artistiek onderzoeksproject gebaseerd op het gezamenlijk erfgoed van Nederland en India. In de tijd van de Verenigde Oost-Indische Compagnie bestond er een levendige handel in Indiase sits: katoen beschilderd met veelkleurige patronen. Nederlandse kunstenaars en ontwerpers werkten in India samen met eeuwenoude technieken en hebben daarmee een hedendaagse invulling gegeven aan deze cross-culturele uitwisseling. Het resultaat: nieuwe ontwerpen die een wisselwerking laten zien tussen ambacht, ontwerp, kleedgedrag en beeldtaal in India en Nederland, in heden en verleden. De Textiel Factorij bevordert duurzame kennisuitwisseling en draagt bij aan de instandhouding van het gedeeld cultureel erfgoed.
Openingstijden
Dinsdag t/m zondag 11.00 – 17.00 uur
Workshop fotografische blauwdruk.
Workshop fotografische blauwdruk.
Nieuwe druk- en verftechnieken.
Nieuwe druk- en verftechnieken.
Roofdruk in de Makerspace.
Roofdruk in de Makerspace.
Deel dit artikel
FacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailFacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailby feather

Sits, katoen in bloei

Zonnehoed met sitsen voering, geknipt uit een grote palempore met een bloeiende boom. India circa 1730 - foto Fotostudio Noorderblik.

Glanzende gebloemde katoen uit India, hier gebracht door de VOC

Sits (ook bekend onder de Engelse naam chintz) is een glanzende katoenen stof, versierd met handgeschilderde bloempatronen, afkomstig uit India. De stof werd vanaf 1602 geïntroduceerd in Europa door zeelieden van de VOC, die de sits meebrachten op de terugreis van de Oost. Het Fries Museum te Leeuwarden heeft een van de grootste collecties oude sitsen en heeft nu een speciale tentoonstelling gewijd aan deze bijzondere textielvorm.

Sitsen vrouwenjak, met dubbele vestpandjes en sitsen vrouwenrok met grote motieven, gedragen circa 1765 - foto Fotostudio Noorderblik.
Sitsen vrouwenjak, met dubbele vestpandjes en sitsen vrouwenrok met grote motieven, gedragen circa 1765 – foto Fotostudio Noorderblik.
Van India naar Europa
De eerste kennismaking van Europeanen met sits ontstond doordat de Portugezen deze meebrachten uit India. Het was meteen een sensatie, want de katoenen sits was veel zachter en soepeler dan de tot dan in Europa gangbare linnen en wollen stoffen. De naam ‘sits’ en het Engelse ‘chintz’ komt voort uit het Perzische ‘chitta’, dat ‘bedrukt’ betekent. Voor de goedkopere sits uit India werden de contouren van de patronen namelijk bedrukt met blokstempels.
Sits werd al lange tijd in het oosten gebruikt als ruilmiddel tegen bijvoorbeeld specerijen. De Indiase producenten pasten daarom hun motieven aan voor de diverse markten, zoals China, Indonesië tot zelfs Egypte aan toe. De VOC nam in eerste instantie de sits van India mee naar het tegenwoordige Indonesië om deze als ruilmiddel te gebruiken tegen specerijen. Sommige zeelieden smokkelden echter ook wat sits mee naar Nederland, waar deze kleurrijke stoffen snel in de smaak vielen. Vanaf 1664 gaf de VOC opdracht om de sits als handelswaar mee te nemen naar Nederland.
Overzichtsfoto tentoonstelling met klederdracht - foto Erikjan Koopmans.
Overzichtsfoto tentoonstelling met klederdracht – foto Erikjan Koopmans.
Sitsen Hindeloper wentke (vrouwenjas) voor de lichte rouw. India 1750 - 1800 - foto Fotostudio Noorderblik.
Sitsen Hindeloper wentke (vrouwenjas) voor de lichte rouw. India 1750 – 1800 – foto Fotostudio Noorderblik.
Klederdracht
Met name in Friesland viel de sits zeer in de smaak en werden er allerlei kledingstukken van gemaakt, maar bijvoorbeeld ook gebruikt voor spreien en wandbespanning. Voor veel lokale klederdracht, zoals in Hindeloopen, werd sits gebruikt. Toen uiteindelijk de mode veranderde en de gebloemde patronen uit de gratie raakten omdat de voorkeur veranderde naar kleding van effen stoffen, wist sits zich in klederdracht te handhaven. In bijvoorbeeld de klederdracht van Bunschoten-Spakenburg wordt sits tot op vandaag gebruikt.
Omdat sits als importartikel kostbaar was begon men in de tweede helft van de 17de eeuw in Europa sits zelf te bedrukken. In 1678 werd in Amersfoort de eerste katoendrukkerij geopend, waarbij men als basis de katoenen stof uit India gebruikte. Pas rond 1750 bereikte men een vergelijkbare kwaliteit van het origineel uit India. Toen na 1760 de eerste mechanische spinmachines werden uitgevonden begon men ook in Europa katoen te weven. De prijzen daalden daardoor aanzienlijk en de sits werd onder brede lagen in de bevolking populair. In Nederland bleef men echter op uit India geïmporteerde katoen drukken en prijsde men zich uiteindelijk uit de markt.
Sitsen palempore met bloemen - foto Fries Museum.
Sitsen palempore met bloemen – foto Fries Museum.
Hoe wordt sits gemaakt?
We gaan even terug naar het origineel: de handbeschilderde sits uit India. Kenmerkend voor sits is het gebruik van beitsen om de plantaardige kleurstoffen te hechten aan de vezels en het gebruik van afdekmateriaal zoals (bijen)was. Iedere kleur wordt apart opgebracht, waarbij de delen van de stof die niet met die kleur bedekt mogen worden afgedekt worden met was (vergelijkbaar met batik uit Indonesië). Tussen de verschillende kleurbaden moet de stof telkens gewassen en in de zon gebleekt worden.
De kleuren worden in een vaste volgorde aangebracht, waarbij de sterkste kleuren (die dus het vaakst gewassen worden) eerst worden opgebracht en de zwakkere kleuren later. De kleuren worden gevormd door de diverse beitsen, zoals ijzernat, aluin en tinzout, te combineren met natuurlijke kleurstoffen zoals indigo, meekrap en geelwortel (kurkuma). Wanneer alle kleuren aangebracht zijn wordt de stof nabehandeld met rijstwater en vervolgens gepolijst, zodat deze glanzend wordt. Deze glans verdwijnt echter wanneer de stof gewassen wordt, omdat de was, die de glans veroorzaakt, oplost.
Overzichtsfoto met op de achtergrond enkele wapenpalempores - foto Erikjan Koopmans.
Overzichtsfoto met op de achtergrond enkele wapenpalempores – foto Erikjan Koopmans.
Hindelooper wentke (vrouwenjas) onderdeel van Hindelooper vrouwenkostuum. India, 1725-1750 - foto Fries Museum.
Hindelooper wentke (vrouwenjas) onderdeel van Hindelooper vrouwenkostuum. India, 1725-1750 – foto Fries Museum.
Patronen
Sits is gedecoreerd met bloempatronen, een exotische versiering die tot dan in Europa nauwelijks voorkwam. De patronen zijn zeker niet altijd natuurgetrouw, omdat vaak uit één tak verschillende soorten bloemen voortsproten. De Indiase makers speelden sterk in op de smaak van hun exportmarkten en hadden voor verschillende landen verschillende decors. Als uiteindelijk de handel met de VOC opbloeit neemt men vanuit Europa patronen mee om die in India te laten verwerken. Een typische Europese toepassing zijn de enorme wapenpalempores (spreien met een familiewapen).
Topstukken in het Fries Museum
Het Fries Museum beschikt over een omvangrijke collectie sits in goede staat. Een van de topstukken is een 18de-eeuwse kimono. De stof en het kledingstuk zijn Indiaas, het model is Japans (Nederland had in die tijd als enige een handelspost in Japan, Decima bij Nagasaki) en de drager was een rijke Hollander. De kimono is driehonderd jaar geleden beschilderd, maar ziet er nog steeds uit als nieuw. Het laat als geen ander collectiestuk zien dat in de ogenschijnlijk simpele katoenen stof diverse culturen samenkomen. Een ander topstuk is een wandkleed uit de 17de eeuw, de oudste sits in Nederland, met leeuwen, mythische vogels en amoureuze taferelen.
Detail van sitsen tafelkleed, beschilderd met fabeldieren en figuurscènes. Zuid-India, circa 1650 - foto Fotostudio Noorderblik.
Detail van sitsen tafelkleed, beschilderd met fabeldieren en figuurscènes. Zuid-India, circa 1650 – foto Fotostudio Noorderblik.
Boek bij de tentoonstelling.
Boek bij de tentoonstelling.
Activiteiten en publicatie
Rond de tentoonstelling zijn er verschillende activiteiten. Op meerdere momenten zijn er rondleidingen, lezingen en workshops te volgen. In samenwerking met Crafts Council Nederland wordt er een driedaagse masterclass gegeven. Voor wie zich verder in de sitsen wil verdiepen is er een boek over de tentoonstelling en achtergronden gepubliceerd, geschreven door curator Gieneke Arnolli.
Openingstijden
Dinsdag t/m zondag van 11.00 tot 17.00 uur

Bovenste foto: Zonnehoed met sitsen voering, geknipt uit een grote palempore met een bloeiende boom. India circa 1730 – foto Fotostudio Noorderblik.

Werken van Barbara Broekman, Linda Valkeman en Fransje Killaars - foto Erikjan Koopmans.
Werken van Barbara Broekman, Linda Valkeman en Fransje Killaars – foto Erikjan Koopmans.
Overzichtsfoto tentoonstelling - foto Erikjan Koopmans.
Overzichtsfoto tentoonstelling – foto Erikjan Koopmans.
Deel dit artikel
FacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailFacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailby feather

Textile Art Berlin 2016

Sabine Reichert-Kassube, Frühlingswasser, detail.

Textielkunst in al haar facetten om te ervaren, te kopen of simpelweg te bewonderen trekt textielkunstliefhebbers op 9 en 10 juli naar Berlijn-Kreuzberg. De Carl-von-Ossietzky School toont op 4500 m2 ruim 120 beursstands, 25 solo- en groepstentoonstellingen, 15 workshops en hands-on activiteiten en een modeshow op zaterdagavond. Het motto van 2016 heet ‘Wegen van het Leven – levenspaden, routes, overgangen’ en vestigt de aandacht op de levensloop van de kunstenaars, hun ontwikkeling, omleidingen, bevindingen, stappen, doelstellingen en prestaties. Alle ‘makers’ zijn aanwezig en nodigen u uit om te praten over hun persoonlijke artistieke paden en inspiratie. Zij hebben hun tentoonstellingen, stands, workshops en lezingen speciaal ontworpen voor de Textile Art Berlin.

Joachim Blank, red roof, 2009, batik op katoen en organzazijde.
Joachim Blank, red roof, 2009, batik op katoen en organzazijde.
Ihn Sook Shin, Being Red&Green, Foto Lee Jong Du.
Ihn Sook Shin, Being Red&Green, Foto Lee Jong Du.
Internationale aanwezigheid
Tot nu toe hebben deelnemers uit 22 landen zich aangemeld om dit jaar op de Textile Art Berlin aanwezig te zijn. Eén daarvan is de Koreaanse kunstenaar Ihn Sook Shin. Ze is zeer bekend om haar vaak grote en middelgrote borduurwerken en ongewone bordurenmaterialen. Een aantal bekende groepen, gilden en verenigingen presenteren hun nieuwe werken.
De internationale groep ‘Quilt Art’ is voor het eerst op Textile Art Berlin te gast en toont haar expositie ‘Small Talk’. Deze kunstenaars uit België, Denemarken, Duitsland, Engeland, Ierland, Nederland, Noord-Amerika en Hongarije hebben meer dan dertig jaar tentoonstellingservaring. Zij hebben aanzienlijk bijgedragen tot de bevestiging van quilten als kunstvorm. Studenten en docenten van de Kunstfaculteit van Kaunas, Litouwen, en Çankiri Universiteit, Turkije, brengen tentoonstellingen en workshops naar Berlijn. De International Women’s Club Berlin laat de textielcollectie zien van de diverse reizende leden.
Op de Textile Art Berlin zijn deelnemers uit de volgende landen aanwezig: Argentinië, België, China, Denemarken, Duitsland, Ivoorkust, Groot-Brittannië, Ghana, India, Ierland, Japan, Kirgizië, Korea, Litouwen, Nepal, Nederland, Verenigde Staten, Oostenrijk, Zwitserland, Tsjechië en Turkije.

 

Petra Ewler, 52°11'37.1"N 9°47'36.7"E, detail.
Petra Ewler, 52°11’37.1″N 9°47’36.7″E, detail.
Barbara Lenger, Applikation, 2014, gehaakt.
Barbara Lenger, Applikation, 2014, gehaakt.
Ursula Mehler, Zerstörte Schönheit, 2012 - foto Gabi Swart.
Ursula Mehler, Zerstörte Schönheit, 2012 – foto Gabi Swart.
Hoogwaardige en zeldzame materialen, nieuwe en antiek
De gespecialiseerde en toegewijde handelaren informeren over nieuwe en zeldzame materialen en demonstreren hun toepassing. Daarmee inspireren zij de eigen artistieke verkenningen van de bezoekers. Bezoekers, die zelf creatief zijn, kunnen daardoor voor een heel jaar hun ‘buit’ mee naar huis nemen. U vindt op de beurs internationale textielboeken en hoogwaardige materialen voor een verscheidenheid aan technieken: batik, fiber art, vilten, haken, ikat, kantklossen, kumihimo, werken op papier, patchwork en quilten, kralentechnieken, zijdeschilderen, weven, borduren, breien, stof bedrukken, water graphics en weven. U vindt op de Textile Art Berlin ook unieke mode, juwelen en elegante accessoires, originele interieurdecoraties, quilts, objecten in moderne materialen, antiek textiel en nog veel meer.
Het textielfestival in de Carl-von-Ossietzky School
De Textile Art Berlin vindt plaats op een ongewone, jonge en dynamische plek: de Carl-von-Ossietzky School in Berlijn-Kreuzberg. Het is een samenwerkingsproject tussen de organisatoren, de kunstenaars en de school. Dit geldt ook voor de veel geprezen service aan de bezoekers door de studenten en het populaire specialiteiten-café, waar de leerlingen, ouders en leerkrachten met oosterse specialiteiten voor de inwendige mens zorgen. De Textile Art Berlin is ontwikkeld door Christoph Wolters, organisator Natalie Wolters met de Gallery in Victoriastad in samenwerking met de Vereniging Textil, Landesgruppe Berlin. Voor vakbezoekers is de beurs een van de belangrijkste Europese platforms voor de deze industrie om informatie uit te wisselen.
Bettina Kübler, hoed met pailletten en veren, zijde en wol.
Bettina Kübler, hoed met pailletten en veren, zijde en wol.
Openingstijden
Zaterdag 10.00 – 18.00 uur
Zondag 10.00 – 17.00 uur

Bovenste foto: Sabine Reichert-Kassube, Frühlingswasser, detail.

Stefanie Gruber, Oh-skar, 2015, textiel gemengde techniek.
Stefanie Gruber, Oh-skar, 2015, textiel gemengde techniek.
Eva Lippert, Aquarium, detail, weefstuk.
Eva Lippert, Aquarium, detail, weefstuk.
Barbara Füreder, Baba Yaga Trinität, 2010, gevilte wol.
Barbara Füreder, Baba Yaga Trinität, 2010, gevilte wol.
Adrian Salomé, der Wald, vilt.
Adrian Salomé, der Wald, vilt.

 

Deel dit artikel
FacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailFacebooktwitterredditpinterestlinkedintumblrmailby feather