Category Archives: Quilten

Sashiko, een eeuwenoude Japanse techniek om met stekenpatronen stof te decoreren

Sashiko is een traditionele wijze om stof te versterken met stikselpatronen, met name met wit garen op indigo stof. Het is een traditie die stamt uit de 17de eeuw en die verspreid over heel Japan voorkomt. Alhoewel we die lichte steekjes op donkerblauwe stof nu heel decoratief vinden, is de oorspronkelijke reden om dit te doen veel prozaïscher: puur ter versterking van de (handgeweven) stof, om slijtage te maskeren of om bij het watteren van de stof de diverse lagen goed aan elkaar te naaien.

Tafelkleedjes met Sashiko-patronen.
Tafelkleedjes met Sashiko-patronen.
Oorsprong
Eeuwen geleden weefden Japanse boeren hun stof met de hand van plantaardige vezels, zoals hennep. Deze stoffen waren niet erg sterk, terwijl de boerenkleding wel aan stevige slijtage onderhevig was. Ter versterking werd de stof met indigo geverfd en van fijne stekenpatronen voorzien, om de stof goed bij elkaar te houden. Sashiko betekent ‘kleine steekjes’. Daarnaast werden meerdere lagen stof op elkaar met steekjes vastgemaakt en soms gewatteerd om de kleding warmer te maken.
Alhoewel de techniek om stof te versterken met kleine steekjes in veel Aziatische culturen voorkomt, associëren we deze techniek toch vooral met China en Japan. Tegenwoordig ligt het accent vooral op het decoratieve element en wordt Sashiko ook veel toegepast op woningtextiel, zoals kussens en gordijnen. Ook zien we nu ook wel Sashiko op andere kleuren stof dan indigo toegepast worden.
Seikaiha Sashiko.
Seikaiha Sashiko.
Drie soorten Sashiko
Sashiko wordt in veel districten toegepast. Tegenwoordig onderscheiden we drie technieken die duidelijk van elkaar verschillen.
Moyouzashi of eenvoudig Sashiko
Dit is de bekendste techniek en vaak de techniek die we algemeen als Sashiko aanduiden. Afkomstig uit het noorden van Japan, bestaat deze techniek uit geborduurde rechte of gebogen rijen rijgsteken, waarbij de steken elkaar niet mogen kruisen.
Diverse voorbeelden van Hitomezashi Sashiko.
Diverse voorbeelden van Hitomezashi Sashiko.
Hitomezashi Sashiko
Bij deze techniek worden de stekenpatronen gemaakt op basis van een ruitpatroon. Daaruit volgt vanzelf dat er bij Hitomezashi Sashiko geen gebogen lijnen voorkomen. In tegenstelling tot bij Moyouzashi Sashiko mogen bij deze techniek de steken elkaar wel kruisen of elkaar raken. Terwijl Moyouzashi meer een indruk van rijen steken geeft, zie je bij Hitomezashi meer losse steekjes, waardoor dit ook wel één-steek-Sashiko genoemd wordt.
Een voorbeeld van Kogin Sashiko.
Een voorbeeld van Kogin Sashiko.
Kogin Sashiko
Bij deze techniek wordt met indigo geverfde linnen stof met linnen garen voorzien van geometrische patronen door middel van horizontale steken. Er wordt gewerkt met een lange draad en het is zaak om secuur de steken te tellen. Bij deze techniek wordt de blauwe stof het meest bedekt met stikselpatronen.
Materiaal
In het algemeen gebruikt men voor Sashiko als ondergrond gelijkmatig, vast geweven katoenen stof. Het helpt wanneer de stof aftelbaar is, zodat u de steken mooi regelmatig over telkens hetzelfde aantal draden kunt maken. Traditioneel is de stof indigoblauw. Het is verstandig om de stof voor het borduren te wassen; het is zo jammer als het contrast tussen het witte borduursel en de blauwe ondergrond vervaagd is omdat de stof tijdens de eerste wasbeurt kleur afgaf.
Hoe donkerder blauw de stof, hoe mooier de steken uitkomen.
Hoe donkerder blauw de stof, hoe mooier de steken uitkomen.
U kunt een enkele laag stof gebruiken, bijvoorbeeld wanneer u er daarna een kussen mee bekleedt, een dubbele laag of tussen de twee lagen een laag watten leggen, voor een gewatteerd jasje bijvoorbeeld. Was en strijk de stof voor gebruik. Strijk de stof aan de achterzijde, want indigostof kan soms gaan glanzen wanneer u op de goede kant strijkt.
Het garen dat speciaal voor Sashiko wordt gemaakt is zwaarder dan quiltgaren. Dit garen is via postorder en in een speciaalzaak te koop. Anders kunt u gebruik maken van fijn haakgaren of katoenen perlégaren, nr. 5 bijvoorbeeld. Meestal knipt men het garen van tevoren in draden van 45-50 cm.
Patroon op de stof brengen
Breng het patroon aan op de goede zijde van de stof. Neem een paar cm extra stof, omdat het stiksel soms veroorzaakt dat de stof wat inloopt. Teken het patroon met een kleermakerskrijt of quiltpotlood op de stof, waarbij u eventueel gebruik maakt van kleermakerscarbonpapier of een tafel met een (ver)lichte achtergrond. Wees zeer zorgvuldig met het aanbrengen van het patroon, want door de fijne stiksels wordt iedere fout direct zichtbaar. U kunt een patroon kopen of zelf een patroon ontwerpen.
Verschillende Sashiko-patronen.
Verschillende Sashiko-patronen.
Tafelkleedjes met Sashiko-patronen.
Tafelkleedjes met Sashiko-patronen.
Het borduren
De schoonheid van Sashiko zit in de eenvoud van de steken, een eenvoudige rijgsteek, meestal 2-4 steken per cm. Het aantal steken is afhankelijk van de stof die u gebruikt: grovere stof vraagt om grotere steken. Belangrijk is dat iedere steek een gelijke lengte heeft. Het is niet gebruikelijk bij Sashiko om een knoopje in het uiteinde te leggen; meestal begint men met een paar stiksteken en gaat er dan overheen met de rijgsteek. Een overgebleven uiteinde wordt zo kort mogelijk afgeknipt. Bent u aan het eind van de draad voor het eind van de stekenrij, dan maakt u met de volgende draad eerst een paar steekjes over het laatste stukje van de vorige draad.
Het op de stof getekende patroon wordt zorgvuldig met gelijkmatige steekjes overdekt. Let erop dat kruisende steken elkaar nooit 'overlappen'.
Het op de stof getekende patroon wordt zorgvuldig met gelijkmatige steekjes overdekt. Let erop dat kruisende steken elkaar nooit ‘overlappen’.
Het is gebruikelijk om een groot aantal steken op de naald te houden; ervaren Sashiko-makers hebben vaak 7-10 cm stof op de naald. Bij gebogen lijnen kan dat natuurlijk niet, dan houdt u slechts 2-3 steken op de naald. Als de stof gaat golven rekt u deze voorzichtig even uit totdat die weer vlak is.
De steken worden zoveel mogelijk continu gemaakt, zonder onderbrekingen. Een commercieel Sashikopatroon geeft meestal aan in welke volgorde u het patroon maakt. In de regel maakt men de steken van de buitenkant naar het midden van de stof. Bij Moyouzashi Shasiko maakt u geen steken over elkaar heen; bij kruisende stekenrijen slaat u bij het kruispunt een stukje stof over en gaat net zover van het kruispunt weer verder.
Jasje, voorzien van diverse Sashiko-patronen.
Jasje, voorzien van diverse Sashiko-patronen.
Meer informatie
Sashiko Handboek van Susan Briscoe.Susan Briscoe is een Engelse auteur die veel heeft bijgedragen aan de bekendheid van Sashiko in het westen. Van haar hand is het Sashiko Handboek ook in het Nederlands uitgebracht, door Veltman Uitgevers (isbn 9789048311156).
Sashiko and other stitching is haar weblog.
Op de website Japan is Fun! worden Sashiko-materialen en -pakketten verkocht en vindt u ook een gedetailleerde uitleg van de werkwijze met veel foto’s.




Deel dit artikel
Facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedintumblrmailFacebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedintumblrmailby feather

Verschillende quiltmethoden met verhoogd reliëf, zoals trapunto en boutis

Quilten bestaat in de basis uit twee lagen stof met een laag opvulmateriaal die op elkaar zijn genaaid met sierlijk stikwerk. Afhankelijk van de dikte en soepelheid van het opvulmateriaal ontstaat er een stof met reliëfeffect. Om dit reliëfeffect te versterken wordt van oudsher gewerkt met alternatieve quiltmethoden, waarbij plaatselijk de ruimte tussen de stoffen wordt opgevuld met bijvoorbeeld watten of koord en andere delen niet worden opgevuld. Afhankelijk van de methode en de regio van afkomst zijn er verschillende benamingen voor deze handwerktechniek, zoals trapunto, boutis en Zaans stikwerk.

Jachtvest, India, 1605 - 1627, Victoria and Albert Museum, London.
Jachtvest, India, 1605 – 1627, Victoria and Albert Museum, London.
Van oorsprong stamt deze techniek uit India en het Midden-Oosten en is deze via de Middellandse Zee vanaf de 13de eeuw naar Europa gekomen, te beginnen bij Italië en Frankrijk. Het is een arbeidsintensieve en daardoor kostbare techniek die met name voor de decoratie van kleding voor de hogere standen werd gebruikt. Over de benaming van de verschillende technieken van reliëfwerk bestaan nogal wat misverstanden, mede doordat de techniek in verschillende regio’s werd toegepast. In dit artikel geven we een overzicht van de verschillende technieken, het ontstaan ervan en de regio’s waar deze (het eerst) werden uitgevoerd.
Trapunto
Trapunto is al bekend sinds de 13de eeuw en vindt zijn oorsprong op Sicilië. Eén van de oudste, nog bestaande voorbeelden is de zogenaamde Tristan Quilt, een linnen trapunto quilt uit Sicilië die de legende van Tristan en Isolde vertelt, waarvan een deel zich in het Victoria & Albert Museum in Londen en een ander deel in het Bargello Paleis in Florence bevindt. Trapunto werd geëxporteerd naar veel Europese landen en was bijvoorbeeld populair in Tudor-Engeland (1485 – 1550).
De Tristan Quilt in trapunto, detail, Victoria & Albert Museum, circa 1360 - 1400.
De Tristan Quilt in trapunto, detail, Victoria & Albert Museum, circa 1360 – 1400.
Bij trapunto worden twee lagen stof op elkaar genaaid in sierlijke patronen in rijgsteek. Vervolgens wordt vanaf de achterkant de ontstane vakken tussen de stiknaden opgevuld met watten, zodat er een soort kleine kussentjes ontstaan en het geheel een reliëf vertoont. Verschillende soorten stikwerk geven een afwisselend effect van licht en donker, beïnvloed door de wijze waarop het licht op de quilt valt. Het schaduwwerk komt het mooiste uit op lichte, enigszins glanzende stof; bij donkere stof valt het schaduweffect grotendeels weg.
Trapunto werd oorspronkelijk vooral gebruikt om kleding te decoreren. Tegenwoordig worden bijvoorbeeld beddenspreien en kussens met trapunto versierd.
Kraamherenmuts in Zaans stikwerk, circa 1725-1750, Centraal Museum Utrecht
Zaans stikwerk, circa 1725-1750, Centraal Museum Utrecht.
Provençaals quilten
Provençaals quilten zijn alle regionale varianten van quiltmethoden met verhoogd reliëf in Zuid-Frankrijk, zoals boutis, matelassage en piqûre de Marseilles (ook wel piqué Marseillais genoemd). De oorsprong van deze quiltmethoden ligt in het Nabije Oosten en India. Voorbeelden van exemplaren van deze quilts arriveerden het eerst via de haven van Marseille in Europa. Daardoor werd deze techniek hier het eerst bekend in de Provence en ontstond daar ook een lokale productie van deze quilts.
Matelassage
De oudste vorm van quilten in Zuid-Frankrijk is waarschijnlijk matelassage, bekend sinds het midden van de 17de eeuw. Hierbij werd er tussen twee lagen stof als opvulmateriaal een laag watten gelegd en met een rijgsteek in sierlijke patronen de stoffen samengequilt. Matelassage-quilts werden onder andere naar Engeland, Spanje, Italië, Duitsland en Nederland geëxporteerd.
Piqûre de Marseille, eind 17de eeuw
Piqûre de Marseille, eind 17de eeuw.
Piqûre de Marseilles
Wordt ook wel piqué Marseillais, Marseillaans borduren, koordborduurwerk of marcella genoemd en is in Nederland bekend als Zaans stikwerk. Het was populair vanaf het eind van de 17de tot het begin van de 19de eeuw en werd vooral gebruikt als decoratietechniek voor kleding. Het is een zeer arbeidsintensieve techniek die maakte dat op deze wijze gedecoreerde kleding toch hoofdzakelijk voor de hogere klassen bestemd was.
Voor deze techniek werd voor de voorkant van het werk een fijne stof als zijde, wit linnen of katoen gebruikt en aan de achterkant een losgeweven stof. Er werd geen opvullaag gelegd tussen beide stoffen, zoals bij matelassage, maar de stof werd met een dubbele rij rijgsteken of stiksteken in fraaie patronen samengenaaid en vervolgens werd vanaf de achterkant van het werk de ruimte tussen de dubbele rijen steken opgevuld met een koord, dat er met een stompe naald tussengeduwd werd.
Voorbeeld van boutis uit La Maison de Boutis
Voorbeeld van boutis uit La Maison de Boutis.
Boutis
Boutis is eigenlijk een opvolger van piqûre de Marseilles vanaf het begin van de 19de eeuw en kenmerkt zich door eenvoudiger (je zou kunnen zeggen: grovere) patronen die met meer watten werden opgevuld. Voor boutis wordt een grote verscheidenheid aan patronen gebruikt, zoals dieren, religieuze en mythologische symbolen, florale motieven enz.
‘Boutis’ is een provençaals woord voor opvullen, maar ook de stompe naald van buxus die hiervoor wordt gebruikt heet boutis. Tegenwoordig is boutis een verzamelnaam geworden van alle Provençaalse opvultechnieken. Een breed overzicht van deze technieken is te vinden in het museum La Maison de Boutis in Calvisson, Frankrijk (website, Franstalig).

Duidelijke demonstratie van trapunto.

Techniek
Het effect van deze technieken is prachtig en zeker de moeite waard om zelf eens te proberen. Houd u daarbij rekening met een aantal zaken:
  • Om van de achterkant van het werk de vulling in te stoppen verdient het aanbeveling om daar een losgeweven stof te gebruiken, zodat u makkelijk met een stompe naald een gaatje kunt maken om hun vulmateriaal in te stoppen.
  • Een lichte, fijngeweven stof aan de voorkant geeft het mooiste schaduweffect. Donkere stoffen tonen het effect van uw werk in mindere mate.
  • Om het werk goed vlak te krijgen gebruikt u een borduur- of quiltring en begint u met het stikwerk in het midden en werkt u naar buiten toe. Zeker grotere oppervlakten lenen zich niet voor de naaimachine, omdat het werk dan niet goed vlak gehouden kan worden.
  • Gebruik voor het opvullen een stompe naald, bijvoorbeeld een boutis, zodat u geen gevaar loopt door de stof aan de voorkant heen te steken.
  • Gebruik voor de stiksels garen in dezelfde kleur als de stof aan de voorkant.
Rijgsteek
Rijgsteek.
Stiksteek
Stiksteek.

 




Deel dit artikel
Facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedintumblrmailFacebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedintumblrmailby feather

De mola’s van de Kuna-indianen uit Panama

De Kuna-indianen zijn een inheems volk, dat leeft in de autonome regio Kuna Yala aan de Atlantische oceaan in Panama. Zij hebben door de eeuwen heen hun eigen cultuur goed weten te behouden. Vooral de mola’s, de textiele panelen gemaakt in omgekeerd applicatiewerk die de blouses van de traditionele kleding van vrouwen sieren, zijn wereldwijd bekend. In dit artikel gaan we wat dieper in op de mola’s, wat de betekenis is voor de cultuur van de Kuna’s en hoe ze gemaakt worden.

De Kuna’s
Kaart Cuna YalaTegenwoordig leven de Kuna’s in een kuststrook in het noorden-oosten van Panama, aan de Atlantische oceaan, en vooral op de San Blas eilanden, een groep van ruim 300 eilanden voor die kust. De Kuna’s komen van oorsprong uit Colombia, trokken, nadat de Spanjaarden rond 1500 de streek kolonialiseerden, naar de binnenlanden van wat nu Panama heet en vestigden zich later in de kuststreek en op de San Blas eilanden om het ongezonde klimaat en de muskieten in het tropisch regenwoud te ontvluchten.

Cuna-dorp op eiland

In de jaren twintig van de vorige eeuw probeerde de regering van Panama de cultuur van de Kuna’s te onderdrukken. De Kuna’s hebben zich hier actief tegen verzet, uitmondend in een opstand in 1925, die de Kuna’s wonnen. Sindsdien hebben de Kuna’s hun eigen, autonome regio gekregen, de Kuna Yala of Comarca San Blas, met een eigen systeem van zelfbestuur. De Kuna’s leven van de landbouw, visvangst en het toerisme en ook de productie en verkoop van de mola’s speelt daar een rol in. Ze hebben externe invloeden goed weten op te vangen en dragen zorg voor een verantwoord gebruik van de natuurlijke hulpbronnen en het behoud van hun eigen cultuur en identiteit.
Cultuur en maatschappij
Cuna-vrouw met mola-blouseDe Kuna’s zijn animistisch (alhoewel christelijke zendingsdrift ook hier plaatselijk zijn invloed heeft) waarbij elk object (bomen, planten, dieren, grond) een praktische en een mythologische identiteit heeft. Dat verklaart ook het respect voor de natuur, die volgens het Kuna-geloof slechts voor verantwoord gebruik aan de Kuna’s ter beschikking is gesteld. Tradities en mythologie worden mondeling overgedragen via lange, gezongen verhalen tijdens nachtelijke dorpsbijeenkomsten.
De maatschappij van de Kuna’s is matriarchaal georganiseerd; de vrouw is het hoofd van de familie, afstamming loopt via de vrouwelijke lijn en na het huwelijk trekt de bruidegom in bij de familie van zijn vrouw en helpt zijn schoonvader. Ook geestelijk is dit zo: in de Kuna-godsdienst is de hoogste heiligheid de aarde, die Grote Moeder wordt genoemd. Het zijn echter de mannen die contact met de geesten hebben, terwijl de vrouwen zich meer met de praktische zaken van het leven bezighouden.
De oorsprong van de mola’s
Mola-blouseDe mola’s hebben niet altijd deel uitgemaakt van de cultuur van de Kuna’s. De ontwerpen van de mola’s zijn gebaseerd op de tatoeages die de Kuna’s op hun lichaam aanbrengen. Pas na de Spaanse kolonialisatie en onder invloed van missionarissen zijn de Kuna’s kleding gaan maken met de patronen die ook voor de tatoeages werden gebruikt; in eerste instantie in gedrukte vorm, later in applicatiewerk. Men denkt dat de oudste mola’s zo’n 150 tot 175 jaar oud zijn.
Mola met acht pijpen (collectie Marion Wetter)De patronen die voor de mola’s worden gebruikt weerspiegelen het gedachtegoed van de Kuna’s; ze zijn gebaseerd op de natuur en de mythologie en bevatten gestileerde afbeeldingen van dieren, planten en de leefomgeving van de Kuna’s. De ontwerpen evolueren mee met de ontwikkeling van de maatschappij: moderne mola’s bevatten ook ontwerpen die beïnvloed zijn door tijdschriften, advertenties of dingen uit het dagelijks leven in de grote stad. De meeste patronen zijn echter gebaseerd op de mythologie van de Kuna’s, waarbij men wel zegt dat de woorden van mannen de ontwerpen van de vrouwen worden.
Quilt gemaakt van negen mola'sWat zijn mola’s eigenlijk precies? Een mola is een rechthoekig, horizontaal stuk textiel, gemaakt in omgekeerd applicatiewerk, dat gebruikt wordt voor de versiering van de blouses die de Kuna-vrouwen dagelijks dragen. Mola’s gaan daarom in paren: een voor- en een achterkant van de blouse. Als er een verschil is tussen de twee, dan wordt de mooiste mola gebruikt voor de rugzijde van de blouse. De mola wordt alleen gebruikt voor de romp; schouders en mouwen worden gemaakt van een gekleurde, katoenen stof (zie de foto’s).

 

Detail van het applicatiewerk van een mola (klik op afbeelding)

Techniek
Een mola wordt gemaakt in omgekeerd applicatiewerk. Hierbij worden twee of meer lagen gekleurde katoen van dezelfde maat op elkaar gelegd en vastgestikt. Vervolgens wordt het patroon uitgeknipt uit de bovenste laag stof, zodat op die plaatsen de onderliggende stof zichtbaar wordt. De rand van de bovenste laag stof wordt naar achteren omgeslagen en met fijne steekjes vastgezet op de eronder liggende stof. In die zin verschilt deze techniek van ‘gewoon’ appliceren, omdat bij die techniek de afbeelding wordt gevormd door kleine stukjes stof vast te naaien op een grotere ondergrond.
Cuna-vrouw bezig een mola te makenEen mola kan bestaan uit twee lagen katoen met een verschillende kleur, maar ook meer lagen komen vaak voor, soms meer dan zes lagen stof, waarbij telkens een patroon wordt uitgeknipt en afgewerkt om de kleur daaronder te laten zien. Belangrijk is daarbij het gebruik van fijngeweven katoen, zodat deze niet gaat rafelen. Hoe meer lagen een mola bevat en hoe fijner de afwerking, des te meer tijd kost het om zo’n mola te maken. De tijd, nodig om een mola te maken, varieert van twee weken tot zes maanden. Het is duidelijk dat hoe complexer een mola is, hoe kostbaarder die is, want behalve voor eigen gebruik worden de mola’s tegenwoordig ook aan toeristen verkocht.

Cuna-hut met molas

Soms wordt voor een onderlaag diverse stukjes stof van verschillende kleuren gebruikt, zodat de diverse delen van het uitgeknipte patroon een andere achtergrondkleur krijgen. Traditioneel wordt het stikwerk in een eenvoudige steek uitgevoerd met dezelfde kleur garen als de stof, zodat het zo min mogelijk zichtbaar is, maar men komt ook geborduurde steken tegen, soms als toevoeging op het in applicatiewerk uitgevoerde patroon.
Patronen
Meander-mola (collectie Marion Wetter)De patronen van mola’s worden ingedeeld in groepen, gebaseerd op de afbeeldingen die ze weergeven. We onderscheiden de volgende groepen van patronen:
Meanders, in het Dulegaya, de taal van de Kuna’s, ‘bisu’bisu’ genoemd, wat meanderende steen betekent. Hiermee wordt koraal bedoeld. Ook de kronkelige dorpspaden in de Kuna-dorpen zijn een inspiratiebron voor dit soort mola’s.
Oude mola’s, in het Dulegaya ‘sergan mola’s’ genoemd en ook wel Sergan mola (collectie Marion Wetter)grootmoeders mola’s. Dit zijn mola’s met abstracte of geometrische patronen, geïnspireerd op de symboliek rond de voorouderverering.
Dierlijke mola’s (‘ibdurgan mola’s’). Dit is een grote groep: wel 40% van alle mola’s hebben dergelijke patronen. In de Kuna-mythologie hebben dieren menselijke of symbolische eigenschappen.
Mythologische mola’s (‘pabgan igar’). Deze mola’s bevatten een weergave van een mythologisch verhaal uit de Kuna-traditie.
Mythologische mola (collectie Marion Wetter)Er zijn daarnaast mola’s met afbeeldingen van objecten, gereedschappen, huishoudelijke dingen of dagelijkse activiteiten. Bovendien ontwikkelt de mola zich nog steeds, want het is een levende kunstvorm die niet, zoals elders vaak gebeurt, alleen voor toeristen wordt uitgevoerd. Deze moderne mola’s putten hun inspiratie uit het moderne leven, tijdschriften en verhalen over de grote stad van Kuna’s die in Panama City werken of studeren.
Het maken van mola’s is een mooie, delicate techniek die u best eens zelf zou kunnen proberen. Het aantrekkelijke van deze textieltraditie is dat deze zich nog steeds verder ontwikkelt, zonder dat het oorspronkelijke ervan wordt aangetast.
Meer informatie
Internet
Panama Mola, galerie in Oostenrijk die mola’s verkoopt, ook per post (met dank voor de toestemming voor het gebruik van een aantal foto’s in dit artikel).
Molas, technique, history & the women who make them. Kort artikel met een heleboel verwijzingen naar andere websites over mola’s en de Kuna’s.
Sheldon Art Galleries
Uitgebreid en prachtig geïllustreerd artikel (PDF) over de Kuna’s en hun mola’s naar aanleiding van een tentoonstelling in deze galerie, met een uitgebreide bibliografie en verwijzing naar meer websites.
Boeken
Magnificent Molas: The Art of the Kuna Indians, door Michel Perrin. Een diepgaande en rijk geïllustreerde studie over de Kuna’s en de mola’s, met veel aandacht voor de achterliggende symboliek van de ontwerpen.
Charlotte Patera:  Mola Techniques for Today’s Quilters (American Quilter’s Society Publications).
Mola Designs door Frederick W. Shaffer. Bevat ontwerpen van mola-patronen om zelf mola’s te maken.

Cuna-vrouw met mola-blouse

Deel dit artikel
Facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedintumblrmailFacebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedintumblrmailby feather

De Baltimore album quilt, stamvader van de Amerikaanse quilt

Quilts worden al eeuwen gemaakt en er zijn wereldwijd veel interessante quiltvormen te vinden. Een quilttraditie die in Nederland niet zo bekend is, is de Baltimore album quilt. Het kenmerk van een Baltimore album quilt is dat deze is opgebouwd uit allemaal verschillende geappliqueerde blokken. Ieder quiltblok vertelt daarbij zijn eigen verhaal, waardoor een Baltimore quilt een hele persoonlijke quilt kan worden. Historisch gezien is de Baltimore album quilt bovendien een van de stamvaders van de hedendaagse quilttechniek.

Ontstaan
Baltimore, Maryland - kaartZoals de naam al zegt is deze quiltvorm ontstaan in de havenstad Baltimore in de staat Maryland in het noordoosten van de Verenigde Staten. Toen rond 1840 de industrialisatie op gang kwam verplaatste de productie van textiel zich naar de fabriek, waardoor de huisvrouw zich niet meer bezig hoefde te houden met het tijdrovende verven, spinnen en weven van textiel. Zij kreeg hierdoor meer vrije tijd om zich bezig te houden met complexere quiltvormen.
In die tijd was Baltimore een belangrijk handelscentrum, waardoor er, eerder dan elders in Amerika, veel machinaal vervaardigde, bedrukte stoffen uit Engeland beschikbaar kwamen. Delen van deze gedesigneerde stoffen werden gebruikt om deze, in een andere schikking, op de quiltblokken te appliqueren.
Bij de meest oorspronkelijke vorm van de Baltimore album quilt werd deze door een groep mensen gemaakt, waarbij iedere deelnemer één geappliqueerd blok met een persoonlijke boodschap aanleverde. De blokken werden vaak door de makers gesigneerd met een permanente, bruine inktsoort die kort daarvoor uitgevonden was. Deze album quilts werden bij bijzondere gelegenheden geschonken, bijvoorbeeld bij een jubileum of als afscheidscadeau wanneer iemand naar elders verhuisde. Men noemt ze daarom ook wel presentation quilts.

Baltimore album quilt, in februari 2006 verkocht voor $ 58.000

Baltimore album quilts werden gewaardeerd als waardevolle herinneringen en niet als gebruiksvoorwerp gebruikt, waardoor deze goed bewaard zijn gebleven en er nog vele in musea en privé-collecties te vinden zijn. Er zijn zo’n 300 originele Baltimore album quilts bekend. Originele Baltimore quilts komen nog maar zelden voor de handel beschikbaar, waardoor ze enorm kostbaar geworden zijn: op veilingen brengen ze meer dan $ 200.000 op.
Ondergang en wederopkomst
Baltimore album quilt uit 1846 (foto Northeast Auctions)De Baltimore album quilt kende slechts een korte bloeiperiode. De opkomst wordt ergens tussen 1840 en 1846 geschat. Toen in 1861 de Amerikaanse Burgeroorlog uitbrak ging de aandacht volledig hier naar toe en kwam men zo snel niet meer toe aan het maken van deze tijdrovende, want complexe, quilts. Als uiteindelijk na jaren de rust weerkeert pakt men het quilten wel weer op en maakt men nog steeds gebruik van blokken, maar deze worden nu met geometrisch patchwork ingevuld en voorzien van complexe quiltpatronen. De decoraties met hun oorsprong in Maryland en persoonlijke teksten en namen waren verdwenen.
Pas in de jaren tachtig van de vorige eeuw kreeg men weer belangstelling voor deze mooie vorm van quiltmaken. Studie naar deze quiltvorm door museumcuratoren en andere wetenschappers en tentoonstellingen van deze quilts trekken de aandacht van vele Amerikaanse quiltsters. Rond 2000 volgen ook enkele tentoonstellingen overzee. De auteurs Elly Sienkiewicz en Mimi Dietrich maken met hun boeken deze traditie toegankelijk voor het grote publiek.
In 1993 richten vier quiltsters de Baltimore Appliqué Society op met als doel antieke Baltimore quilts te bewaren voor het nageslacht, kennis te vergaren over deze quilttechniek en het appliceren en quilten in de traditie van Baltimore te promoten. De vereniging heeft inmiddels enkele honderden leden.
Ontwerp
Baltimore album quilt uit 1834 met diagonaal gegroepeerde blokkenEen Baltimore album quilt is opgebouwd uit blokken, welke bijna altijd in hetzelfde aantal horizontale als verticale rijen zijn samengebracht. Er komen echter ook Baltimore albums voor waarin de blokken diagonaal zijn gegroepeerd. De blokken zelf zijn meestal wit, versierd met eenvoudige quiltpatronen. De reden hiervoor is voor de hand liggend: op deze rustige achtergrond komen de complexe applicaties mooier uit.
De rijke applicaties werden vaak uitgevoerd in, tijdens de oorsprong, dure stoffen, waaronder chintz en moirézijde. Vaak zijn de quilts voorzien van gedetailleerde shashing (banden tussen de blokken). In sommige blokken komt men ook decoraties tegen in verschillende soorten vrijborduurwerk. Omdat dit oorspronkelijk herinneringsquilts zijn waren er vaak blokken met gebeurtenissen uit het leven van de ontvanger of uit die tijd opgenomen. Andere, veel voorkomende elementen zijn bloemen, manden, vogels, vlinders, landschappen, gebouwen en patriottische symbolen.
Baltimore album quilt uit 1851De applicaties van de Baltimore quilts zijn beïnvloed door twee tradities die samenvallen met de twee toenmalige bevolkingsgroepen in Baltimore: bewoners van oorspronkelijk Engelse afkomst en Duitse emigranten. De bevolking van Baltimore was destijds ongeveer gelijk verdeeld over deze twee groepen.
Veel Amerikaanse quilt- en applicatiepatronen vinden hun oorsprong in de Duitse papierkniptraditie, die meegebracht werd door zich in Maryland en het aangrenzende Pennsylvania vestigende Duitse emigranten. Zij worden ook verantwoordelijk geacht voor het idee om met deze techniek quiltblokken te appliqueren en allemaal verschillende quiltblokken in een quilt op te nemen.
Complex uitgevoerd blok uit een Baltimore album quilt (klik voor vergroting)Van Engelse zijde werd de applicatietechniek beïnvloed door brodérie perse, een techniek waarbij met knoopsgatensteek de kostbare stukjes geïmporteerde chintz op een ondergrond werd vastgezet. De Engelsen waren bovendien zeer vaardig in andere borduurtechnieken, waardoor sommige blokken rijkelijk van borduurwerk zijn voorzien.
Thema’s
Quiltblok uit een Baltimore quilt, gemaakt voor William HarrisonDe thema’s die gebruikt werden voor de Baltimore quilts werden natuurlijk sterk beïnvloed door de persoon aan wie de quilt werd geschonken. Dat konden zijn:
  • Een dominee, wanneer hij naar een andere gemeente vertrok.
  • Een bruid, als huwelijkscadeau. Onderwerpen uit het verleden en de toekomst van de bruid worden afgebeeld, bijvoorbeeld het huis waarin zij gaat wonen.
  • Een jongeman, wanneer hij 21 werd (dit worden vaak freedom quilts of presentation quilts genoemd). Hier komen in veel gevallen patriottische motieven in voor.
  • Politieke personen. In de quilt kon een voorkeur voor een kandidaat in een verkiezing worden getoond of het kon een eerbewijs zijn aan een oorlogsheld.
  • Er is zelfs een quilt bekend die is gemaakt voor een industrieel die op sterven lag, de ‘Lily death watch quilt’.Baltimore presentation quilt - replica van een origineel uit 1849
Opvallend is dat veel applicatie-ontwerpen regelmatig terugkeren in de originele Baltimore quilts. Recent onderzoek heeft uitgewezen dat de meeste ontwerpen afkomstig zijn van slechts drie ontwerpsters, waarvan er slechts één bij naam bekend is: Mary Simon.
Baltimore album quilt - quiltblokHeel duidelijk is de Baltimore album quilt een van de eerste quiltvormen die niet puur voor nuttige doeleinden is gemaakt, maar ook een recreatieve en sociale functie had. Het met moderne productietechnieken maken van gedesigneerde stoffen heeft de ontwikkeling van deze quiltvorm mogelijk gemaakt en bevorderd. Toen de aandacht van de Amerikanen kort na de opkomst van de Baltimore quilt afgeleid werd door zaken rond leven en dood – in verband met de Amerikaanse Burgeroorlog – verdween deze traditie even snel als dat zij opkwam. De hernieuwde belangstelling voor deze quiltvorm in recente tijden zorgde ervoor dat er nu weer Baltimore album quilts worden gemaakt, en niet alleen in Maryland.
Meer informatie Baltimore quilt, verkocht in februari 2006 voor $ 58.000 - detail
Internet
Maryland Historical Society bezit de grootste collectie Baltimore album quilts
Baltimore Appliqué Society
Baltimore Museum of Art
Daughters of the American Revolution Museum
Marylou McDonald, the Baltimore Quilt Lady
Boeken
Baltimore quilt, verkocht in februari 2006 voor $ 58.000 - detailBaltimore Basics door Mimi Dietrich
Baltimore Elegance door Elly Sienkiewicz
Best of Baltimore Beauties, Part 2 door Elly Sienkiewicz
A Baltimore Album: 25 Applique Patterns door Marsha Radtke

 

Baltimore album quilt uit 1848

Deel dit artikel
Facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedintumblrmailFacebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedintumblrmailby feather